Europese regels belemmeren innovatie beveiligingsindustrie

Dankzij de Europese harmonisatieafspraken kunnen fabrikanten op grotere schaal uniforme producten ontwikkelen. De beveiligingsindustrie heeft echter te maken met een regeling die veel ruimte overlaat voor nationale richtlijnen. Dat beperkt het innovatievermogen, meent de branchekoepel Euralarm.

Normen voor producten en diensten zijn essentieel voor de beveiligingsindustrie. De internationale organisatie Euralarm propageert daarom een snel en flexibel systeem voor het vaststellen van standaarden nodig. Want dit is volgens het bestuur niet alleen de beste manier om de belangen van klanten, de industrie en de samenleving te dienen, maar ook een basisvereiste voor een veilige samenleving. De bouwproductenverordening CPR (Construction Products Regulation) zou daarin moeten voorzien, maar voldoet niet aan de verwachtingen van de bij Euralarm aangesloten fabrikanten. Deze hebben behoefte aan gestandaardiseerde eisen voor productprestaties, wat het internationale concurrentievermogen verbetert. Dat staat echter haaks staat op de interpretatie van de CPR na het arrest van het Europese Hof van Justitie in de James Elliot-zaak.

Harmonisatie
Alarmknoppen om een ​​brandalarmsysteem te activeren zijn bijvoorbeeld in heel de wereld rood. Maar onder de CPR wordt dit niet gezien als essentieel criterium, waardoor landen hiervan kunnen afwijken. Zo kunnen ook verschillen ontstaan in eisen voor de uitslagen van testlaboratoria. De CPR zou ervoor moeten zorgen dat een testrapport uit het ene land ook geldig is in het andere land. Zeker binnen de EU. Maar sinds het arrest van het Europese Hof van Justitie is dat niet meer het geval. Men probeert zoveel mogelijk producten onder de harmonisatie-afspraken te laten vallen, wat ten koste gaat van de standaardisatie van specifieke producten voor brand- en inbraakalarm.

Gemeenschappelijk speelveld
Het vrije verkeer van goederen is een van de grootste voordelen van de Europese Unie. Datzelfde vrije verkeer van goederen was ook de grondslag voor de CPR in 2011. Met deze verordening wilde de EU een gemeenschappelijk ‘speelveld’ creëren voor producten voor de bouwsector. Om de conformiteit van de producten te beoordelen of te verklaren wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde geharmoniseerde normen. Dat zijn Europese normen die zijn ontwikkeld door een erkende Europese normalisatie-instelling, zoals CEN CENELEC of ETSI. Deze normen definiëren de gemeenschappelijke technische taal die fabrikanten moeten gebruiken om de technische prestaties van hun producten uit te drukken. Regelgevers gebruiken ze op hun beurt om hun eisen kenbaar te maken en voor ontwerpers, aannemers en andere belanghebbenden in de bouw zijn ze nuttig om efficiënt informatie uit te wisselen. De normen bieden een solide technische basis voor het testen van de prestaties van producten, waardoor fabrikanten een prestatieverklaring (DoP) voor hun producten kunnen opstellen, zoals gedefinieerd in de CPR. Vervolgens kan de CE-markering worden aangebracht. De CE-markering geeft aan dat een product voldoet aan de relevante veiligheids-, gezondheids- of milieuregels in de European Economic Area (EEA).

Veel voordelen
Werken met Europese geharmoniseerde normen biedt veel voordelen. Ten eerste is de technische relevantie gegarandeerd, aangezien de normen het resultaat zijn van open en transparante discussies door geïnteresseerde belanghebbenden binnen de Europese normalisatie-instellingen (ESO). Na deze besprekingen is de norm overgenomen door een van de ENO’s (CEN, CENELEC, ETSI), waardoor de Europese norm ook relevant is voor de markt. En aangezien de Europese norm wordt aangevraagd door de EU en geciteerd in het Publicatieblad van de EU (OJEU), zijn de geharmoniseerde normen ook relevant voor de EU-politiek. Bij gebruik van een geharmoniseerde norm wordt aangenomen dat het product voldoet aan de basiseisen van de richtlijn. Dit ‘vermoeden van overeenstemming’ vervult de cirkel die nodig is voor het vrije verkeer van een product op de Europese markt.

One size fits all?
Binnen de bouwsector is er een zeer breed scala aan bouwproducten die onder de reikwijdte van de CPR vallen, variërend van low-tech producten zoals asfalt voor de wegenbouw tot high-tech producten, zoals branddetectieapparatuur voor gebouwen. De meeste van deze producten vallen in categorieën waarmee fabrikanten zelf kunnen verklaren dat ze aan de normen voldoen. Als ze het zelf niet kunnen aangeven, zijn er verschillende externe testinstituten die hen kunnen helpen. Brandbeveiligingssystemen en -apparatuur (en tot op zekere hoogte ook beveiligingsproducten) moeten echter door een derde partij worden beoordeeld en gecertificeerd voordat ze op de markt mogen worden gebracht.

James Elliot-zaak
Tot dusver lijkt het erop dat het werken met geharmoniseerde normen voor het beoordelen of verklaren van productconformiteit goed heeft gewerkt. Dat veranderde met de zogenaamde James Elliot-zaak. James Elliot Constructions startte bij het Europese Hof van Justitie een zaak tegen Irish Asphalt. Het bouwbedrijf voerde aan dat het aggregaat dat door de asfaltfabrikant was geleverd niet voldeed aan de specificaties van de relevante geharmoniseerde norm voor aggregaten. Het Europese Hof van Justitie beschouwde toen particulier geproduceerde technische geharmoniseerde normen als een bepaling van EU-recht. In zijn arrest ging het Hof niet alleen in op deze specifieke context, maar wees het ook op de noodzaak om enkele specifieke aspecten van de werking van het Europese normalisatiesysteem aan de orde te stellen.

Van belang voor high tech
De zaak James Elliot was voor de Europese Commissie aanleiding om aanvullende beoordelingsprocessen op te zetten waarmee geharmoniseerde normen, eenmaal uitgewerkt, achteraf kunnen worden herzien. Deze ontwikkeling heeft de herziening en publicatie van normen in het Publicatieblad van de EU (PBEU) tot stilstand gebracht. In 2019 werd in het PBEU geen enkele norm genoemd en er is volgens Euralarm geen hoop op verandering.
De aanvullende beoordelingsprocessen voor geharmoniseerde normen zijn misschien niet van groot belang voor low-tech producten die tientallen jaren hetzelfde blijven, maar wel voor high tech-producten, zoals brandbeveiligingsapparatuur. De snelle technologische ontwikkelingen van deze en andere hoogtechnologische producten vereisen up-to-date versies van geharmoniseerde normen. Bovendien is productinnovatie, waarbij gebruik wordt gemaakt van nieuwe technologie, een belangrijke mogelijkheid voor de brandveiligheids- en beveiligingsindustrie om de prestaties en bruikbaarheid te verbeteren.
De meeste brandbeveiligingssystemen en -apparatuur gebruiken ook elektronica en software die regelmatig moet worden bijgewerkt. Deze aspecten vereisen dat gerelateerde normen en voorschriften voldoende flexibel en responsief zijn om dergelijke veranderingen te kunnen verwerken. De huidige CPR-praktijk voldoet duidelijk niet aan deze behoeften.

Evaluatie
Vrij recent heeft de Europese Commissie de CPR geëvalueerd om te beoordelen in hoeverre deze haar doelstellingen heeft bereikt en heeft bijgedragen aan het verminderen van belemmeringen voor de interne markt voor bouwproducten. Een van de belangrijkste tekortkomingen die bij deze evaluatie is vastgesteld, zijn de ontoereikende prestaties en kwaliteit van de output van het normalisatiesysteem in het kader van de CPR en de geringe toepassing van vereenvoudigingsbepalingen. Deze factoren hebben volgens de EC geleid tot een gebrek aan juridische duidelijkheid.
Euralarm deelt met de EC de conclusie dat een herziening en vereenvoudiging van de CPR nodig is. Het is echter niet de productie van technische normen die leidt tot onvoldoende prestatie en outputkwaliteit. Daarvoor verantwoordelijk zijn de eisen die de Commissie stelt voor de harmonisatie van normen onder de CPR. Vanuit technisch oogpunt zijn alle Europese normen die van invloed zijn op de brandveiligheidssector bijgewerkt, maar slechts twee herziene normen in de EN 54-reeks zijn door de Europese Commissie aanvaard en daarom geciteerd.

Belemmeringen voor concurrentie
Ondanks de onevenredige kosten voor de ontwikkeling van normen voor de industrie, hebben de wijzigingen in de CPR ernstige belemmeringen gecreëerd voor de export van brandveiligheidsproducten buiten Europa en meer in het algemeen voor het concurrentievermogen van de Europese industrie. Terwijl internationale concurrenten hun normen hebben kunnen aanpassen aan de nieuwste technologische ontwikkelingen, kan de Europese brandveiligheidsindustrie niet concurreren omdat de publicatie van nieuwe normen wordt geblokkeerd.
In plaats van de publicatie van nieuwe of herziene normen te blokkeren, moet de nadruk liggen op de beschikbaarheid van up-to-date versies van geharmoniseerde normen met kortere tijden tussen het herzien, bijwerken en publiceren van normen. Dit geeft de brandveiligheidsindustrie en vele andere industrieën die afhankelijk zijn van (geavanceerde) technische producten meer flexibiliteit bij het ontwikkelen van normen om de veiligheid van de Europese burgers te waarborgen en haar concurrentievermogen op de internationale markt te behouden.

Over Euralarm
Euralarm vertegenwoordigt de elektronische brand- en beveiligingsindustrie en biedt leiderschap en expertise aan de industrie, de markt, beleidsmakers en normalisatie-instellingen. Leden maken de samenleving veiliger door middel van systemen en diensten voor branddetectie en -blussing, inbraakdetectie, toegangscontrole, videobewaking, alarmtransmissie en alarmcentrales. Euralarm, opgericht in 1970, vertegenwoordigt meer dan 5000 bedrijven in de brandveiligheids- en beveiligingsindustrie met een waarde van 67 miljard euro. Euralarm-leden zijn nationale verenigingen en individuele bedrijven uit heel Europa.

Gedeeld

Geef een reactie