Advies om lijst met PBO-vergunningen uit openbaarheid te halen

De manier waarop persoonsgegevens in Nederlandse openbare registers toegankelijk zijn, voldoet vaak niet aan de vereisten van het gegevensbeschermingsrecht. Dat blijkt uit onderzoek van de Open Universiteit in opdracht van het WODC. Van de dertien onderzochte registers zouden er twee helemaal niet openbaar mogen zijn, waaronder een lijst met particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus.
Bij zeven andere ontbreekt een wettelijke basis voor de openbaarmaking van specifieke gegevens, terwijl alle elf registers tekortschieten in hun privacybescherming.
Het gaat om registers die een belangrijke maatschappelijke rol spelen, bijvoorbeeld voor rechtszekerheid en transparantie. Tegelijkertijd vergroot de digitale toegankelijkheid de kans op misbruik, zoals identiteitsfraude en intimidatie. De Autoriteit Persoonsgegevens en diverse beheerders waarschuwden eerder al voor deze risico’s. Door technologische ontwikkelingen wordt het bovendien steeds eenvoudiger om grote hoeveelheden data te verzamelen en te combineren, wat de toekomstbestendigheid van de registers onder druk zet.
Beveiligingsorganisaties
De onderzoekers stellen dat de lijst van particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus en het Centraal Gezagsregister niet langer openbaar zouden moeten zijn. In het eerste geval ontbreekt een wettelijke grondslag, in het tweede leidt de brede toegankelijkheid tot onevenredige veiligheidsrisico’s voor minderjarigen. Ook bij andere registers gaat het vaak mis: adressen en geboortedata zijn soms zonder noodzaak toegankelijk en nergens wordt systematisch bijgehouden wie gegevens raadpleegt. In sommige gevallen gaat het om miljoenen bevragingen per jaar zonder dat duidelijk is of de registers worden gebruikt waarvoor ze bedoeld zijn.
Te gemakkelijk toegang
Volgens de onderzoekers ligt het probleem niet in het principe van openbaarheid, maar in het gemak waarmee toegang wordt verleend. Dat registers openbaar zijn, betekent niet dat er geen waarborgen nodig zijn. Zij pleiten voor duidelijke wettelijke grondslagen, strengere toegangsbeperkingen en betere controle op gebruik. Alleen met snelle actie kunnen de privacyrisico’s worden beperkt zonder de maatschappelijke waarde van de registers te ondermijnen.







































































































