Daders betalen vaker schade van slachtoffer
Daders betalen volgens het Algemeen Dagblad veel vaker schadevergoeding aan hun slachtoffers dan in het verleden. Volgens onderzoek in opdracht van het ministerie van Veiligheid & Justitie gaat het nu gemiddeld om zo’n 300 euro per misdrijf.
Het betalen van schadevergoeding wordt steeds vaker bevolen door de rechter. Zo’n 18.000 keer per jaar proberen slachtoffers tijdens het strafproces hun schade op de dader te verhalen en steeds vaker met succes. In 2010 lukte het nog in een op de drie gevallen, maar in 2014 kende de gemiddelde rechter al bij twee van de drie zaken een schadevergoeding toe. Daarbij wordt overigens niet altijd de volledige schade vergoed.
Het ministerie liet onderzoeken hoe het tijdens strafzaken gaat met het verhalen van schade door slachtoffers op daders. Officieren van justitie, rechters en advocaten verklaren vrijwel unaniem dat de eis tot het vergoeden van aangerichte schade de afgelopen jaren een vast onderdeel van het strafrecht is geworden. Rijk worden de slachtoffers hier niet van, maar dat is over het algemeen ook niet de reden om een schadevergoeding te eisen. “De geldsom is een erkenning van het leed dat hen is aangedaan”, zegt bestuursvoorzitter Harry Crielaars van Slachtofferhulp Nederland tegen het AD.
Emotionele schade
De onderzoekers bestudeerden 240 strafrechtzaken over vermogenscriminaliteit, mishandeling, vernieling en openlijke geweldpleging. Tijdens de behandeling hiervan kenden de rechters gemiddeld driehonderd euro toe aan de slachtoffers ter compensatie van emotionele schade. Als er ook materiële schade was, kon de vergoeding oplopen tot enkele duizenden euro’s.
Slachtoffers kunnen de schade verhalen via een speciaal schadeformulier dat zij naar het Openbaar Ministerie moeten opsturen. Ook kunnen zij hun claim mondeling indienen tijdens de zitting. Het kan gaan om materiële schade, zoals de waarde van vernielde of gestolen spullen, of emotionele schade, al is het moeilijk om die in geld uit te drukken.
Volgens Crielaars hebben de meeste slachtoffers baat bij een schadevergoeding, omdat het helpt bij de verwerking en bij het herstel van hun rechtvaardigheidsgevoel. Hij zou wel willen dat de vergoedingen hoger worden, al zijn ‘Amerikaanse toestanden’ volgens hem ook niet nodig. Daar is een complete claimindustrie gecreëerd door ‘no cure, no pay’-advocaten.
Sommige slachtoffers zien bewust af van een schadevergoeding omdat zij niet weten hoe zij het geld zouden moeten besteden zonder weer aan het misdrijf herinnerd te worden. Bovendien is het een ingewikkelde en tijdrovende procedure. Wie later alsnog een vergoeding wil, kan terecht bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven.







































































































