Douaniers op vrije voeten in onderzoek naar corruptie en cocaïne-invoer

Drie douaniers die worden verdacht van het lekken van vertrouwelijke informatie uit de computersystemen van de Douane mogen hun strafzaak in vrijheid afwachten. Dat heeft de rechtbank Rotterdam bepaald. De verdachten blijven wel in beeld in een omvangrijk onderzoek naar mogelijke corruptie, computervredebreuk en betrokkenheid bij de voorbereiding van cocaïne-invoer via de Nederlandse havens.
Het gaat om twee douaniers uit Rotterdam van 26 en 45 jaar en een 41-jarige medewerker uit Capelle aan den IJssel. Zij waren werkzaam op een afdeling die verantwoordelijk is voor de selectie van containers en andere zendingen voor douanecontroles. Volgens het Openbaar Ministerie zouden de mannen zich hebben laten omkopen, hun ambtsgeheim hebben geschonden en ongeoorloofd informatie uit de systemen van de Douane hebben opgevraagd en gedeeld. Twee van hen worden daarnaast verdacht van witwassen.
Combiteam Havens
Het onderzoek kwam op gang na een tip bij de inlichtingendienst van de politie en werd uitgevoerd door het Combiteam Havens, een samenwerkingsverband van de politie, FIOD, Rijksrecherche en het Openbaar Ministerie dat zich richt op de bestrijding van zware georganiseerde criminaliteit in de Nederlandse zeehavens. Tijdens het langdurige onderzoek werden onder meer gesprekken afgeluisterd en werd een undercoveragent ingezet. Volgens justitie spraken twee verdachten over onder meer “de boel overnemen bij de douane”, “handeltjes” en het “focussen op Vlissingen”, waar eveneens veel containers met risicolading aankomen.
Ernstige verdenkingen
Bij de aanhoudingen in april werden woningen en andere locaties in de regio Rotterdam doorzocht. Daarbij namen onderzoekers gegevensdragers, contant geld en luxegoederen in beslag. De drie douaniers zijn na hun arrestatie door hun werkgever op non-actief gesteld.
De rechtbank ziet op dit moment onvoldoende aanleiding om de verdachten langer vast te houden, mede omdat zij geen strafblad hebben. Wel blijven de ernstige verdenkingen overeind. Volgens de rechtbank kan uit gesprekken met de undercoveragent het beeld ontstaan van een ‘drie-eenheid die geld wilde verdienen met informatie’. De verdediging uitte tijdens de zitting kritiek op de duur van het onderzoek en de inzet van de undercoveragent. Eén van de verdachten stelt dat hij als gevolg daarvan een posttraumatische stressstoornis (PTSS) heeft ontwikkeld. De inhoudelijke behandeling van de strafzaak volgt op een later moment.












































































































