Europese beveiligingssector fel tegen zwartwerkers

De Europese koepelorganisatie voor de beveiligingssector CoESS pleit voor een nultolerantiebeleid tegen zwartwerk en schijnzelfstandigheid in de private beveiligingsbranche. Aanleiding is een nieuw onderzoek van de European Labour Authority (ELA) naar illegale arbeidspraktijken in de sector.
Volgens het onderzoek komt zwartwerk in de Europese beveiligingssector voor, maar zijn er geen betrouwbare cijfers over de totale omvang. Gedeeltelijke onderrapportage van werkzaamheden wordt genoemd als de meest voorkomende overtreding. Vooral bij evenementenbeveiliging, onderaannemingsconstructies en kleinere beveiligingsbedrijven zijn risico’s aanwezig.
De private beveiligingssector telt volgens het onderzoek ruim 1,2 miljoen werknemers in de Europese Unie, IJsland en Noorwegen. In 2022 bedroeg de gezamenlijke omzet circa 47 miljard euro. Door complexe onderaannemingsketens, sterke concurrentie en druk op arbeidskosten kunnen bedrijven volgens de onderzoekers worden verleid om arbeidsregels niet volledig na te leven.
Belangrijk aandachtspunt
CoESS waarschuwt dat illegale arbeid niet alleen gevolgen heeft voor werknemers, maar ook voor de openbare veiligheid. Beveiligers die niet officieel zijn aangemeld, beschikken mogelijk niet over de vereiste opleiding of screening. Daarnaast kunnen werknemers te maken krijgen met te lange werktijden, onderbetaling en het ontbreken van sociale bescherming.
Een belangrijk aandachtspunt is volgens CoESS de manier waarop overheden beveiligingscontracten aanbesteden. Bij openbare aanbestedingen zou minder nadruk moeten liggen op de laagste prijs en meer op kwaliteit en naleving van arbeids- en sociale normen. Een te sterke prijsdruk kan volgens het onderzoek juist bijdragen aan illegale arbeidspraktijken.
Betere samenwerking aanbevolen
Ook betere samenwerking tussen arbeidsinspecties, handhavingsinstanties en sociale partners wordt aanbevolen. Beperkte capaciteit en specialistische kennis maken toezicht volgens de onderzoekers lastig. Sectororganisaties kunnen daarbij marktkennis leveren en helpen om risicovolle bedrijven en constructies gericht te controleren.
Het onderzoek noemt daarnaast sectorale regelgeving en vergunningstelsels als belangrijke instrumenten om misstanden te voorkomen. Als voorbeeld wordt onder meer het Nederlandse kwaliteitskeurmerk voor de beveiligingsbranche genoemd. CoESS zegt de samenwerking met ELA, UNI Europa en nationale autoriteiten te willen voortzetten.














































































































