Niet alle kermisattracties voldoen aan de veiligheidseisen
De meeste kermisattracties in Nederland zijn veilig. Maar uit onderzoek bij 124 kermisattracties die de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) naar aanleiding van signalen over vermoedelijke onveiligheid heeft geïnspecteerd, blijkt dat 34 niet aan alle eisen voldoen.
Bij de ondeugdelijke kermisattracties moesten corrigerende maatregelen worden genomen om de veiligheid te kunnen waarborgen. Zes attracties werden onmiddellijk stilgelegd, één moest worden hersteld. Er werden zes aankondigingen tot verzegeling gedaan, zestien boeterapporten opgemaakt en vijf waarschuwingen uitgedeeld. De gerichte inspecties vonden plaats in 2014 en 2015.
Afwijkingen
In totaal zijn 149 inspecties verricht waarbij 124 kermisattracties ter plekke zijn geïnspecteerd. De geconstateerde afwijkingen varieerden, waarbij vaak meer afwijkingen per attractie werden geconstateerd. Bij twee attracties was sprake van niet goed werkende veiligheidsbeugels. Bij vijf inspecties werd een onveilige elektrische installatie aangetroffen. Ook ontbrak 37 keer een geldig keuringscertificaat, of was het certificaat verlopen of niet correct. In elf gevallen was een attractie van een exploitant die niet in Nederland was gevestigd niet aangemeld bij de NVWA. De exploitant is verplicht iedere attractie na verplaatsing en voordat hij in gebruik wordt genomen te inspecteren (de zogenoemde opstellingsinspectie); dit gebeurde 59 keer niet of het werd niet geregistreerd. Het kwam 41 keer voor dat exploitanten het veilig beheer van hun attractie niet goed bijhielden in een logboek of in een technisch dossier dat bij de attractie hoort.
Risico’s
De gevolgen kunnen bij het niet naleven van de wettelijke regels of bij onjuist gebruik van een attractie groot zijn. Onderdelen kunnen afbreken, constructies kunnen falen, veiligheidsbeugels kunnen haperen of attracties kunnen door een onjuiste opstelling omvallen. Dit kan grote gevolgen hebben voor gebruikers en omstanders.
De wet schrijft daarom onder meer voor dat iedere attractie door een Keuringsinstantie (een zogenoemde AKI) die door de overheid is aangewezen, moet worden gekeurd. Bij een goede uitslag wordt een certificaat verstrekt. Daarna moet iedere attractie jaarlijks een periodieke keuring door een AKI ondergaan.
Toezicht
De NVWA controleert of de fabrikant/exploitant zich houdt aan de regels en houdt ook toezicht op het functioneren van de AKI’s.
De NVWA inspecteert de veiligheid van attracties naar aanleiding van klachten, meldingen, ongevallen of afkeurberichten van de AKI’s. Ook attracties van niet in Nederland gevestigde exploitanten zijn aanleiding voor een inspectie. Naast de kermisinspectie ter plekke voert de NVWA ook thuisinspecties uit, meestal in de wintermaanden als de attracties niet in gebruik zijn. Alle kermisattracties (gemiddeld tien per thuisinspectie) die tijdens de 22 thuisinspecties zijn gecontroleerd, voldeden aan de eisen: ze beschikten over een deugdelijk beheersysteem en pasten dit goed toe.
De NVWA ontwikkelde in overleg met de branche en de AKI’s in 2015 een geautomatiseerd systeem om attractietoestellen te registreren. AKI’s kunnen de keuringsresultaten van de attracties rechtstreeks in dit systeem registreren. In de loop van 2016 kunnen gemeenten die vergunning verlenen voor het plaatsen van een attractie op een kermis dit systeem raadplegen om na te gaan of de kermisattractie waarvoor een aanvraag is ingediend ook goedgekeurd is.








































































































