Misbruik AVG-inzagerecht kost man 14.000 euro aan proceskosten

De rechtbank Noord-Holland heeft een man veroordeeld tot het betalen van ruim 14.000 euro aan proceskosten nadat was vastgesteld dat hij misbruik had gemaakt van het inzagerecht uit de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). De rechtbank verklaarde meerdere door hem aangespannen procedures niet-ontvankelijk, omdat de verzoeken volgens de rechter niet waren bedoeld om zijn privacyrechten uit te oefenen, maar uitsluitend om financieel voordeel te behalen.
Het recht op inzage is een van de belangrijkste rechten die de AVG aan betrokkenen toekent. Burgers mogen organisaties vragen welke persoonsgegevens over hen worden verwerkt, met welk doel dat gebeurt en hoe lang deze gegevens worden bewaard. Organisaties zijn verplicht om binnen de wettelijke termijn op dergelijke verzoeken te reageren.
In de voorliggende zaken volgde de man steeds hetzelfde patroon. Hij deed een online aankoop of registreerde zich bij een bedrijf, waarna hij een verzoek om inzage in zijn persoonsgegevens indiende. Wanneer de afhandeling volgens hem niet volledig of niet tijdig verliep, startte hij een uitgebreide correspondentie waarin hij dreigde met juridische stappen. Daarbij stelde hij bedrijven voor om een schadevergoeding te betalen om hoge proceskosten te voorkomen.
Verdienmodel
Volgens de rechtbank was geen sprake van een legitiem beroep op het inzagerecht, maar van een verdienmodel. Tijdens de zitting verklaarde de man dat hij in de afgelopen anderhalf jaar tientallen vergelijkbare AVG-verzoeken had ingediend. De rechter concludeerde dat de verzoeken uitsluitend waren gericht op het verkrijgen van schadevergoedingen en niet op het verkrijgen van inzicht in de verwerking van persoonsgegevens.
De rechtbank plaatste bovendien vraagtekens bij de rol van de gemachtigden die de man zei in te schakelen, onder meer via Webshop Juristen. Bedrijven kregen ondanks herhaalde verzoeken geen contactgegevens van deze gemachtigden en hadden uitsluitend contact met de man zelf. Uit onderzoek bleek bovendien dat de man eigenaar is van Webshop Juristen en dat het bedrijf geen werknemers in dienst heeft. Ook tijdens de zittingen verscheen geen van de vermeende gemachtigden.
Omdat de rechtbank oordeelde dat sprake was van misbruik van recht, werden de procedures niet inhoudelijk behandeld. In vier zaken werd de man als verliezende partij veroordeeld tot betaling van de proceskosten, die gezamenlijk oplopen tot ongeveer 14.000 euro. De uitspraak onderstreept volgens privacyjuristen dat het AVG-inzagerecht bedoeld is om de privacy van betrokkenen te beschermen en niet mag worden ingezet als middel om schadevergoedingen of proceskostenvergoedingen af te dwingen.












































































































