Nieuwe regels beroepsmatig gebruik drones per 1 juli

Drones kunnen in de toekomst een grote rol spelen in beveiliging. Er zijn echter steeds meer incidenten waarbij onbemande luchtvaartuigen betrokken zijn, zo blijkt uit een recent rapport.

security droneHet professionele gebruik van drones neemt toe. Ook is het aantal overtredingen bij recreatieve gebruikers hoger dan bij beroepsmatige gebruikers. Vorig jaar ontving de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) 27 meldingen van crashes en andere incidenten, terwijl er in 2012 maar acht meldingen waren.

Als u een drone inzet om geld te verdienen of voor de bedrijfsvoering gebruikt, gelden de regels voor zakelijk gebruik. Er is dan een vergunning nodig en er gelden eisen aan de bestuurder en de drone. Met de eisen voor commerciële vluchten met drones wil de overheid ervoor zorgen dat de vluchten veilig verlopen.

De NederlandseVeiligheidsbranche heeft dit voorjaar deelgenomen aan de werkconferentie Drones, een initiatief van de ministeries van Veiligheid en Justitie, Infrastructuur en Milieu en Economische Zaken. Diverse publiek-private partijen waren aanwezig: defensie, politie, brandweer, beleidsambtenaren van vele departementen, producenten en verkopers van drones, opleiders van piloten et cetera.

In de werkconferentie spraken de deelnemers over de aankomende regelgeving die per 1 juli aanstaande in werking treedt. Daarmee wordt het gebruik van drones (ook wel remotely piloted aircrafts genoemd, of RPA’s) gereguleerd op een wijze die binnen Europa past.

Er zijn tot 1 juli 2015 drie soorten ontheffingen beschikbaar voor zakelijke gebruikers:

  • Oefenontheffing
    Een oefenontheffing wordt afgegeven voor 1 specifieke locatie en is bedoeld om te oefenen met uw drone. Zo kunt u zich bijvoorbeeld voorbereiden op uw praktijkexamen. De ontheffing geldt maximaal 1 jaar. Op 1 juli 2015 vervallen alle oefenontheffingen. U mag dan alleen oefenen voor het examen onder verantwoordelijkheid van een bevoegd instructeur. Dit komt door de inwerkingtreding van de regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen.
  • Projectontheffing (eenmalig)
    Een projectontheffing wordt eenmalig afgegeven voor een specifiek/eenmalig project.
  • Bedrijfsontheffing (1 jaar)
    Een bedrijfsontheffing wordt afgegeven voor 1 jaar. U krijgt deze ontheffing pas als u meerdere malen met succes een projectontheffing heeft aangevraagd.

Waar mag ik wel en niet vliegen?

Met de ontheffing voor Klasse 1-vluchten mag de drone:

  • Niet binnen een straal van 150 meter rondom mensenmenigten, gebouwen of industriegebieden mag vliegen;
  • Niet binnen een straal van 150 meter rondom spoorlijnen, snelwegen of 80-kilometerwegen mag vliegen;
  • Niet binnen een straal van 3 kilometer rondom een (militair) vliegveld mag vliegen;
  • Niet hoger mag vliegen dan 120 meter boven de grond of het water;
  • Niet verder mag vliegen dan 500 meter van de bestuurder of een waarnemer.

Nieuwe regels beroepsmatig gebruik drone per 1 juli

Vanaf 1 juli gelden nieuwe regels voor beroepsmatig gebruik van drones. U hoeft dan voor uw bedrijf geen ontheffing meer aan te vragen. Wel moet u vanaf 1 juli een certificaat hebben: het ROC (RPAS operator certificate).

U krijgt een ROC als:

  • De drone piloot een brevet heeft;
  • De drone een bewijs van luchtwaardigheid heeft;
  • Men een goedgekeurd operations manual heeft.

De nieuwe regels staan in de regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen.

Mini-drones

droneDe Rijksoverheid is verder van plan een nieuwe categorie drones te introduceren: de mini-drone. Deze categorie is bedoeld om het verschil in regelgeving tussen de beroepsmatige en de particuliere gebruiker van drones te verkleinen. De regels voor particuliere en beroepsmatige gebruikers van de mini-drone worden dan hetzelfde.

Vanaf 1 juli 2015 hoeven beroepsmatige gebruikers van de mini-drone geen vergunningen aan te vragen. Zij kunnen een ontheffing krijgen van de verplichting om over deze vergunningen te beschikken. Wel moet de gebruiker zich houden aan een aantal voorwaarden. Welke dat zijn is nog niet duidelijk. In het beleidsvoornemen staan voorwaarden genoemd.

Bijvoorbeeld:

  • De gebruiker vliegt met een drone onder de 4 kg (dit gewicht kan nog veranderen);
  • De drone vliegt niet hoger dan 50m (deze afstand kan nog veranderen);
  • De drone vliegt niet verder dan 100m horizontaal (deze afstand kan nog veranderen).

Het is de bedoeling dat de categorie mini-drones aan gaat sluiten bij recente Europese ontwikkelingen.

Gedeeld

Gerelateerde artikelen

Geef een reactie