Brandweer wil landelijk drones gaan inzetten

Al in vier regio’s zet de brandweer drones in om foto’s en video’s te maken. De bedoeling is dat ook de andere regio’s dit gaan doen. De toestellen zijn onder andere van belang om het instortingsgevaar van brandende gebouwen te beoordelen.

Onder andere bij de kerkbrand in Hoogmade werd een drone ingezet. Zo werd gekeken of het voor de brandweerlieden nog wel veilig was om in de buurt van het gebouw te blijven. Volgens Mark Bokdam, kwartiermaker van het project ’Vliegen met drones Brandweer Nederland’, bracht de drone scheuren in de gevels in kaart en kon men op basis van de beelden voorspellen of de kerk zou instorten en waar de brokstukken dan terecht zouden komen. Eerder, bij een brand in Vlaardingen, ontdekte een drone twee mensen, die net op tijd konden worden gered voordat zij door het vuur werden ingesloten.

Toename
Het afgelopen jaar zette de brandweer 150 keer een drone in bij branden. Volgens Stephan Wevers, voorzitter van Brandweer Nederland, zijn het de ogen en oren in de lucht. Hij voorspelt dat de inzet de komende jaren alleen maar zal toenemen. Het streven is om op elke locatie binnen een uur een drone beschikbaar te kunnen hebben. Deze worden dan met name ingezet bij situaties waar brandweerlieden groot gevaar lopen, zoals bij een brand in een chemische fabriek. Ook wil men in droge zomers drones gebruiken om bosbranden in een vroeg stadium te detecteren. Er wordt al sinds 2013 ervaring opgedaan met de inzet, maar tot voor kort was dat lastig vanwege de regelgeving. Tegenwoordig beschikt de brandweer over een vergunning die voor vrijwel het hele land ontheffing verleent. De drones mogen bijvoorbeeld ook boven mensen vliegen, wat voor andere gebruikers streng verboden is. De toestellen die de brandweer gebruikt hebben een bereik van 120 meter hoog en 500 meter ver. Het is verplicht dat de bestuurder het apparaat met het blote oog kan zien.

Opleidingen
Tot nu toe gebruiken alleen de regio’s Twente, Midden- en West-Brabant, Haaglanden en Rotterdam Rijnmond drones. Mogelijk gaan volgend jaar ook Noord-Holland, Utrecht, Groningen en Limburg de toestellen inzetten. Hiervoor is het afgezien van de aanschaf van de dure apparaten ook noodzakelijk dat vliegers worden opgeleid. Daarnaast zijn opleidingen nodig voor mensen die de beelden en sensorinformatie beoordelen. De vier regio’s die drones gebruiken hebben nu zestig opgeleide personen in dienst en beschikken over tien drones. Ook andere hulpdiensten beginnen met het gebruik van de vliegende camera’s. Onder andere de politie en de douane doen er momenteel ervaring mee op. De douane zoekt er onder andere mee naar verstekelingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van thermische camera’s.

Gedeeld

Geef een antwoord