Gemeenten werken meer samen aan veiligheidsplannen

Uit onderzoek door het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid blijkt dat meer gemeenten gezamenlijk werken aan integrale veiligheidsplannen. Uit hetzelfde onderzoek komt naar voren dat vooral bestrijding van ondermijning en een veilige woonomgeving prioriteit krijgen.

25 mei besprak besprak het Strategisch Beraad Veiligheid het eindrapport van de onderzoeksopdracht ‘Landelijke analyse Integrale Veiligheidsplannen’ (IVP’s). Daarin stonden de resultaten van een zes maanden durend onderzoek, dat het CCV onder gemeenten had uitgevoerd naar de integrale veiligheidsplannen. De adviseurs hadden onder andere gekeken naar de mate waarin de lokaal en regionaal gestelde speerpunten in de plannen overeenstemmen met de door de landelijke overheid gestelde prioriteiten. “Gemeenten maken in deze plannen duidelijk dat zij deze beleidsperiode inzetten op ondermijning en een veilige woonomgeving. Dat geldt voor zowel de grotere als de kleinere gemeenten. Van het totaal van 381 speerpunten uit deze steekproef gaat het merendeel, namelijk 42 procent, over de veilige woon- en leefomgeving. Gevolgd door ondermijning met 28 procent”, aldus Lilian Tieman, senior adviseur bij het CCV.

Samenwerking
Het CCV maakte een landelijke analyse en leverde eveneens deelanalyses op van de vier grootste gemeenten van het land (G4), de daaropvolgende veertig grootste steden (G40) en de kleinere plattelandsgemeenten (P10). Het ministerie van Justitie en Veiligheid gebruikt deze en andere analyseresultaten om zich te informeren over het lokaal en regionaal te voeren beleid.
“We zien dat steeds meer gemeenten de samenwerking zoeken met andere gemeenten om te komen tot een gezamenlijk integraal veiligheidsplan”, vervolgt Tieman. Criminaliteit houdt volgens CCV-adviseur Boaz Verkerk niet op bij de gemeentegrens. “Ook de VNG geeft aan dat landelijk circa 25 procent van de plannen gezamenlijk opgesteld is. In de meeste gevallen gaat het om gemeenten binnen het basisteam van de politie. Dit zien we als een positieve ontwikkeling en we verwachten dat bij de volgende beleidsperiode nog meer gemeenten de samenwerking zoeken.”

De burger praat mee
De mening van de burger lijkt volgens het CCV steeds vaker meegenomen te worden in het ontwikkelen van het lokale of regionale veiligheidsbeleid. Want de burger wordt veelvuldig in de plannen genoemd, variërend van enquête-uitkomsten gehouden onder burgers en de inzet van burgerpanels tot wijkraden en instemmingsprocedures. Gemeenten geven aan burgerparticipatie actief te stimuleren en faciliteren. Zo richten zij bijvoorbeeld steeds meer meldpunten in, zodat burgers eenvoudiger en hopelijk ook sneller kunnen melden.

Gedeeld

Geef een reactie