Kunstmatige intelligentie moet slagkracht politie vergroten

De Universiteit Utrecht opent vandaag het Nationaal Politielab Artificial Intelligence (AI). Via dit lab gaan zeven promovendi onderzoek doen naar hoe kunstmatige intelligentie het politiewerk kan ondersteunen. Dit doen zij in nauwe samenwerking met ervaren politiemensen.

De hoeveelheid data binnen de samenleving neemt enorm toe. Volgens programmadirecteur Digitalisering en Cybercrime Theo van der Plas is de impact daarvan op het politiewerk enorm. “Ooit waren vingerafdrukken in de opsporing baanbrekend, nu heb je al snel de beschikking over allerlei data, zoals locatiegegevens, beeld en geluid. Al die verbanden – ook tussen zaken – zijn er, maar je moet ze wel kunnen leggen.”
Volgens Van der Plas kan de politie in de toekomst met behulp van AI de operationele slagkracht en efficiency vergroten, maar ook de dienstverlening verbeteren en servicegerichter zijn.

Ondersteunen
Het Nationaal Politielab AI is een doorontwikkeling van het Politielab Data Science – dat in 2017 in Amsterdam van start ging. Daar werken drie promovendi van de Universiteit van Amsterdam. Dat blijft zo en met de opening bij de Universiteit Utrecht komen er nog vier wetenschappers. De promovendi doen onderzoek naar ‘stukjes software die mensen ondersteunen bij bureaucratische processen’. Ron Boelsma, innovatie- en kennismakelaar bij de politie, legt uit: “Denk hierbij aan computers die als slimme ‘chatbots’ gesprekken voeren met burgers, simulatietechnieken die bestuderen hoe criminele netwerken zich ontwikkelen of software in de vorm van ‘autonome agents’ die specifieke taken zelfstandig kunnen uitvoeren.”

Verbanden
Boelsma schetst dat deze software in de toekomst politiemensen ook in de analysefase kan ontlasten. “Het gaat vaak om zaken die politiemensen nu nog handmatig moeten doen”, zegt hij. “Bijvoorbeeld het zoeken naar verbanden in aangiftes of IP-adressen. Door het lerende vermogen van AI is dit in de toekomst ook in te zetten bij een verhoor, bijvoorbeeld om te achterhalen of er tegenstrijdigheden in een verklaring zitten.”
De promovendi zijn in dienst van de politie, ze zijn gescreend en worden gekoppeld aan ervaren politiemensen. “Toepassingen kunnen op deze manier bij ons direct in het werk worden ontwikkeld. Het mooie is dat we zo kunnen vooroplopen in allerlei ontwikkelingen die momenteel echt razendsnel gaan”, legt Van der Plas uit.

Digitale collega
In het Politielab Data Science in Amsterdam wordt bijvoorbeeld een fotolocatieherkenningssysteem ontwikkeld dat in kaart kan brengen waar foto’s zijn gemaakt. “Dat zou heel effectief kunnen zijn in onderzoeken naar bijvoorbeeld kinderporno”, zegt Boelsma. “Je ziet trouwens al direct de verandering; collega’s die hiermee bezig zijn, hebben het nu al over een ‘digitale collega’. Dat is een positieve ontwikkeling.”
“Als je het vertrouwen van de burger wilt behouden, moet je dit op een transparante manier doen”, aldus Boelsma. “Dit onderzoek richt zich op ‘explainable AI’. Onze AI-toepassingen moeten uitlegbaar zijn aan bijvoorbeeld de rechter en de burger. Er is daarom nog veel onderzoek nodig naar alle randvoorwaarden, zoals de technische, sociale, juridische en ethische impact van de dingen die wij op dit gebied doen. We hebben onder meer de universiteiten in Leiden en Delft gevraagd deze thema’s voor ons te onderzoeken.”
Van der Plas benadrukt dat de uitkomsten van deze zelflerende AI-systemen altijd moeten worden beoordeeld en gecontroleerd door mensen. “Als dat goed gebeurt, is dit een heel krachtig hulpmiddel om ons werk beter en sneller te doen.”

Gedeeld

Geef een reactie