Ook Eerste Kamer tegen de ‘hackwet’

Na de Tweede Kamer blijkt ook de Senaat tegen de zogenoemde hackwet, waarbij politie en justitie gebruik mogen maken van ‘lekken’ in software om op computers binnen te dringen. Een dergelijk lek werd gebruikt om Wannacry te verspreiden.

In de strijd tegen cybercrime willen overheden dat de politie gebruik moet kunnen maken van omstreden methoden om in computers van verdachten binnen te dringen. Politici zijn echter bang dat diezelfde methoden in de handen van criminelen vallen. Dat is ook gebeurt met het door Amerikaanse inlichtingendiensten gebruikte ‘achterdeurtje’ in Windows, waardoor de gijzelsoftware Wannacry vorige maand enorm veel schade kon aanrichten. De politie vindt een vorm van digitale huiszoeking echter hard nodig, zo vertelt cyberspecialist Theo van der Plas aan de NOS. Hoogleraar Bart Jacobs vindt echter dat lekken in software zo snel mogelijk gedicht moeten worden, voordat hackers er lucht van krijgen. En dat is nu net wat de politie niet wil. Wel is het zo dat alleen bij zeer ernstige gevallen gehackt mag worden en dat toestemming van de rechter-commissaris nodig is. Maar intussen blijven de lekken in de software bestaan, totdat ze door kwaadwillenden ontdekt worden. Jacobs beseft het belang van de politie, maar vindt dat niet opwegen tegen de digitale veiligheid van de wereldwijde samenleving. Privacywaakhond Aleid Wolfsen ziet nog een ander probleem. Volgens hem is er nauwelijks toezicht op de politie en wordt niet bijgehouden waar en wanneer gehackt wordt.

Gedeeld

Geef een antwoord