Politie gaat automatische drones als verkenner inzetten

De politie en andere hulpdiensten kunnen binnenkort over een automatisch vliegende drone beschikken, die ontwikkeld is door Saxion Hogeschool. Deze drone vliegt heel snel naar een incident om beelden daarvan door te sturen, zodat beter is in te schatten hoeveel capaciteit benodigd is.

De door het Lectoraat Mechatronica ontwikkelde drone is The Beast genoemd, wat staat voor Towards the first and Best EU-approved Autonomous Security drone for BVLOS flighT. De politie en brandweer beschikken al over drones, maar die moeten vanaf de grond door een piloot worden bestuurd. Die piloot moet eerst met zijn drone naar het incident rijden, voordat gevlogen kan worden. Het door Saxion ontwikkelde apparaat kan op basis van coördinaten zijn weg door de lucht vinden. Zo ontstaat al binnen slechts enkele minuten een goed beeld van de situatie, zodat direct bekend is of opschalen noodzakelijk is.

Samenwerking
Saxion heeft voor het project subsidie gekregen en werkt samen met verschillende partijen aan de ontwikkeling van de drone. Daartoe behoren NHL Stenden, Universiteit Twente, acht mkb-bedrijven en vijf publieke organisaties, waaronder Rijkswaterstaat, de politie en de brandweer. Het doel van het lectoraat Mechatronica is om samen met de kennispartners de technieken voor de  autonome drone te ontwikkelen, zodat de marktpartijen er een goed werkend product van kunnen maken. “De eerste minuten na het ontstaan van een brand zijn cruciaal om de bron op te sporen. Elk moment dat je later bent, gaat er informatie verloren”, zegt lector Abeje Mersha van Mechatronica. De drone wordt daarom niet alleen met een normale camera, maar ook met een warmtebeeldcamera uitgerust. Zelfs een sensor voor het meten van gevaarlijke stoffen wordt toegevoegd.

Wettelijke beperkingen
Een van de grote uitdagingen van het project is dat de drone moet kunnen vliegen zonder tegen gebouwen, bomen of vogels te botsen. Ook is een systeem nodig dat schade zoveel mogelijk voorkomt bij een eventuele noodlanding. “Er zijn nogal wat technische eisen, maar daar ligt niet de enige uitdaging voor de onderzoekers”, vervolgt Mersha. “Tot voor kort was het binnen de wet- en regelgeving niet mogelijk om met een drone boven drukke of bewoonde gebieden te vliegen. Inmiddels zijn die regels in heel Europa uniform en minder beperkend. Er zijn nu dus wel een aantal mogelijkheden, maar die zijn niet expliciet bekend. Uiteindelijk willen wij het voor onze mkb-partners zo makkelijk mogelijk maken om gebruik te maken van die kansen. Zij moeten er bewust van zijn wat er mogelijk is en welke certificaten en ontheffingen ze bijvoorbeeld moeten hebben.”

Open innovatie
Mersha neemt met zijn lectoraat een leidende rol binnen het project. “We willen de bedrijven en eindgebruikers samenbrengen. Onze belangrijkste bijdrage is de expertise die we hebben opgebouwd tijdens vorige projecten. Bovendien hebben wij de infrastructuur om de verschillende concepten te testen. Uiteindelijk willen we de juiste technologieën ontwikkelen en toegankelijk maken voor mkb’ers via open innovatie. Op basis van onze bevindingen en onze prototypes kunnen zij uiteindelijk een product leveren aan de hulpverleners.”
Over twee jaar, in juli 2022, hoopt Mersha zijn onderzoek afgerond te hebben. “Dan komen we zeker met een innoverende oplossing voor een maatschappelijk relevant vraagstuk. Een vliegende robot is uniek”, besluit hij. “Daarmee zijn we als lectoraat echt een voorloper.”

Gedeeld

Geef een reactie