Rechercheurs kritisch op eigen organisatie en cultuur

De bureaucratie vormt de grootste ergernis voor rechercheurs van de politie. Ook vindt meer dan de helft het moeilijk om werk en privé te scheiden. Dat blijkt uit het onderzoek onder de opsporingsmedewerkers.

Het is niet alleen kommer en kwel. De zogeheten Risico Inventarisatie & Evaluatie Psychosociale Arbeidsbelasting onder de Dienst Landelijke Recherche, Dienst Regionale recherche, Districtsrecherche en district Zeehaven wijst ook uit dat rechercheurs tevreden zijn over de werksfeer (7.0) en over de relatie met hun leidinggevende (7.0). Paul van Musscher, politiechef van Eenheid Den Haag en lid van de strategische commissie HRM, vindt dat de belangrijkste uitkomst, dat medewerkers het werk waarderen en dat ze het veelal naar hun zin hebben.

Bureaucratie
Maar niet alles gaat naar tevredenheid. 90% van de respondenten vindt ‘dat je voor alles en nog wat formulieren moet invullen’ en dat je ‘voor bijna alles toestemming moet vragen’ (58%). “Verantwoorden hoort er natuurlijk bij”, zegt Van Musscher. “Met het project administratieve lastenverlichting is ook veel bereikt, maar als medewerkers nog dagelijks bureaucratie ervaren, moeten we ons blijven afvragen of administratie nodig is, of het nog in verhouding staat tot het doel.”
Er zijn meer zaken die aandacht vragen. Zo geeft 3% van de medewerkers aan dat ze regelmatig wordt gepest en 9% een enkele keer. Verder heeft 3% geregeld te maken met intimidatie en 2% met discriminatie. Voor medewerkers die zichzelf als allochtoon beschouwen, liggen die cijfers hoger: 10% wordt geregeld gepest en 11% heeft te maken met discriminatie. “Elk geval van pesten, intimideren of discrimineren is er één te veel”, benadrukt Van Musscher. “Dergelijk gedrag is onacceptabel en past ook niet bij de kernwaarden van de politie.”

Grote betrokkenheid
Respondenten is ook gevraagd naar de balans werk-privé; 55% van hen heeft moeite om thuis ‘los te komen’ van het werk. Van Musscher: “Het is weliswaar niet gemeten, maar vlak de grote betrokkenheid van onze mensen niet uit. Ik weet uit ervaring dat ze zich in zaken vastbijten en echt voor een oplossing gaan. Je ziet het bij ernstige delicten, die veel teweeg brengen in de maatschappij. Wordt zo’n zaak tot een goed einde gebracht, dan geeft dat veel voldoening, maakt de mensen trots. Het betekent meestal ook uren doorhalen, er thuis niet zijn. Dat is een afbreukrisico. Als je zo blijft werken, dan kan dat op den duur leiden tot stress, mogelijk tot uitval. Het is dus zaak om daar alert op te blijven.”

Op basis van de monitor gaan medewerkers en leidinggevenden samen met de verbeterpunten aan de slag. De medewerkersmonitor wordt periodiek herhaald om te kijken of de maatregelen rond de werkbeleving positief effect hebben gehad.

Gedeeld

Geef een reactie