Privacywaakhond onderzoekt ontwikkelingen smart cities

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) startte in het najaar van 2019 een onderzoek naar de ontwikkeling van smart cities. Inmiddels kan de AP al wat eerste uitkomsten delen, die interessant zijn voor gemeenten. De AP verwacht het onderzoek na de zomer af te ronden.

Het onderzoek richt zich op verwerkingen van persoonsgegevens in de openbare ruimte met sensoren en andere technologieën. De AP brengt in kaart hoe gemeenten hierbij omgaan met de privacy van inwoners en bezoekers. Inmiddels is door een diverse groep gemeenten, verspreid in grootte en locatie, informatie aangeleverd voor het onderzoek.
De AP heeft tijdens het onderzoek onder meer de DPIA’s (Data Protection Impact Assessment) van smart city-toepassingen opgevraagd. Hiermee brengen gemeenten de privacyrisico’s in kaart.

Tips voor gemeenten
Gemeenten dienen te letten op de kwaliteit van hun DPIA, waarschuwt de AP. Duidelijk dient te zijn welke gegevens in de praktijk verwerkt worden met bijvoorbeeld sensoren en camera’s.
De DPIA dient ook actueel gehouden te worden. Kijk eens in de zoveel tijd of de verwerkingen nog hetzelfde zijn. Bij wijzigingen moet de DPIA wellicht opnieuw worden bekeken.
De AP adviseert rekening te houden met een doorlooptijd van 14 weken voor een eventuele voorafgaande raadpleging. Dus de gemeente moet op tijd de risico’s in kaart brengen als zij bijvoorbeeld een smart city-toepassing wil inzetten voor een bepaald evenement. Het advies is ook om burgers te betrekken bij de ontwikkeling van smart city-toepassingen en voor de start van het project hun mening te vragen.

Tips bij samenwerken
Gemeenten opereren vaak niet alleen bij smart city-toepassingen. De AP adviseert daarom bij samenwerkingsverbanden duidelijk in beeld te brengen wie waarvoor verantwoordelijk is. Wie moet bijvoorbeeld een datalek melden als het fout gaat? En kunnen burgers die hun gegevens willen opvragen terecht bij de gemeente of moeten zij daarvoor naar een andere partij?

Bestrijding coronavirus
Slimme toepassingen in de openbare ruimte kunnen soms een uitkomst zijn om het coronavirus te bestrijden. Bijvoorbeeld om de veiligheidsregels te handhaven. Maar, waarschuwt de AP, gemeenten moeten zich daarbij wel aan strikte voorwaarden houden. De bewegingen van individuen monitoren brengt namelijk grote privacyrisico’s met zich mee. Daarom mag dit alleen als het strikt noodzakelijk is, het effect zal hebben op de bestrijding van het virus en minder ingrijpende maatregelen niet mogelijk zijn.

Resultaten onderzoek
Door de coronacrisis rondt de AP het onderzoek later af dan gepland. Na de zomer verwacht de AP de resultaten van het onderzoek te kunnen publiceren. De AP komt dan met best practices, best lessons en aandachtspunten bij de ontwikkeling van smart cities.

Voor uitgebreide informatie over het onderzoek en de eerste uitkomsten, zie het document Onderzoek smart cities – update augustus 2020.

Gedeeld

Geef een reactie