Sociale diensten gaan met opsporing verder dan politie

Verborgen camera’s, peilbakens onder auto’s, spiedende rechercheurs en zelfs huiszoekingen. Niets gaat sociale diensten te ver om bijstandsfraude te ontdekken, zo concludeert de Volkskrant. Bovendien hebben verdachten minder rechten dan personen die door de politie zijn opgepakt.

De Volkskrant interviewde verschillende ‘doelwitten’ van de sociale diensten. Allen vonden zij het terecht dat er streng wordt opgetreden tegen fraude, maar dat er wel grenzen moeten worden gesteld aan de manier waarop dit gebeurt. Nu voelen zij zich behandeld als criminelen, maar dan met minder rechten. Een vrouw uit Delft, die bedreigd werd door haar ex-man, werd stelselmatig geobserveerd door twee rechercheurs in een auto bij haar woning, nadat de sociale dienst anoniem getipt was dat zij zou samenwonen. Zij werd ook achtervolgd en de rechercheurs ondervroegen zelfs haar 9-jarige zoon tijdens het buitenspelen. Van fraude bleek geen enkele sprake.

Anonieme tips
De controles zijn zeker niet onterecht. Van de 459 duizend Nederlandse bijstandsgerechtigden gingen er volgens Divosa, de koepel van sociale diensten, in 2017 ruim 30 duizend in de fout. In Den Haag, een stad met ruim 27 duizend bijstandsgerechtigden, werd het jaar daarvoor 5,4 miljoen euro teruggevorderd van fraudeurs. Soms ontstaat fraude ook omdat de bijstandtrekkers de complexe regels niet begrijpen of omdat een nieuwe liefde geleidelijk overgaat in samenwonen. Vrijwel altijd wordt fraude ontdekt op basis van tips, waarvan de meeste anoniem zijn. De rechercheurs gaan vervolgens op pad om te controleren of de tip correct is. Daarbij gaat niets te ver. Huiszoekingen, observaties en buurtonderzoeken zijn de voornaamste methoden van de sociale dienst, maar ook worden ov-chipkaarttransacties, energienota’s, sociale media, bankafschriften en belgegevens nagetrokken.

Geen waarborgen
De Volkskrant stelt vast dat de wet bijstandsgerechtigden weinig bescherming biedt. De Participatiewet, waaronder de bijstand valt, bevat geen waarborgen om onjuist gebruik van camera’s en andere middelen te voorkomen, zegt de Centrale Raad van Beroep, de hoogste rechter in de sociale zekerheid. Daarentegen zijn in het Wetboek van Strafvordering wel waarborgen opgenomen voor stelselmatige observatie. De sociale diensten mogen dus feitelijk meer dan de politie. Toch ging het plaatsen van een peilbaken onder de bestelbus van een verdachte te ver, vond de Centrale Raad van Beroep in 2016. Dit zou een schending zijn van artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens – het recht op bescherming van het privéleven. Sinds dat voorval wordt ook kritischer gekeken naar de inzet van verborgen camera’s.

Verhoor
Ook tijdens het verhoor heeft een van fraude verdachte persoon minder rechten dan iemand die door de politie is aangehouden. Bijstandsgerechtigden hoeven er meestal niet op gewezen te worden dat ze zwijgrecht en recht op een advocaat hebben. De Volkskrant sprak mensen die langdurig en emotioneel zwaar onder druk werden gezet om een bekentenis af te dwingen. Er wordt bijvoorbeeld gedreigd dat zij nooit meer een uitkering zullen krijgen als zij niet tekenen. Anderen worden volledig uitgeput tijdens urenlange verhoren en geven dan maar alles toe wat de ondervrager wil horen, ook al kan dat ze tienduizenden euro’s kosten. Enkele mensen hebben zelf hun uitkering stop gezet om van de ‘terreur’ verlost te zijn en zijn een zwerversbestaan gaan leiden. Gemeenten en sociale diensten wilden niet inhoudelijk reageren op de kwestie. Het ministerie van Sociale Zaken zegt te onderzoeken ‘of, en zo ja hoe, de wettelijke grondslag verstevigd kan worden’ rond de inzet van peilbakens en verborgen camera’s.

Gedeeld

Geef een reactie