Onderzoeken ernstige misdrijven lijden onder personeelstekort

De Nederlandse politie legt steeds meer strafzaken stil vanwege een tekort aan personeel. In 2024 werden ruim 45.900 onderzoeken vroegtijdig beëindigd, waarvan bijna 3.700 naar ernstige misdrijven zoals mishandeling, woninginbraak en overvallen. Dat blijkt uit cijfers die door Pointer (KRO-NCRV) en de NOS zijn opgevraagd bij de politie.
Het aantal gestaakte onderzoeken is in vier jaar tijd meer dan verdubbeld: in 2020 ging het nog om 19.100 zaken. Vooral veelvoorkomende criminaliteit — zoals fietsdiefstal, online oplichting en autokraken — blijft liggen. In 2024 werden zo’n 42.200 van dit soort zaken niet verder onderzocht. Maar ook zwaardere misdrijven, de zogenoemde high impact crimes, worden steeds vaker opgegeven.
Volgens Gert Veurink, politiechef van de eenheid Oost-Nederland en landelijk portefeuillehouder opsporing, is de situatie ‘zorgwekkend’. “Er zal altijd meer werk zijn dan we aankunnen, maar de huidige tekorten dwingen ons tot pijnlijke keuzes.” Alleen al in de eerste helft van 2025 moest de politie opnieuw 24.000 onderzoeken stopzetten wegens tijd- en capaciteitsgebrek.
Schrijnend
De gevolgen voor slachtoffers zijn soms schrijnend. Zedenzaken of mishandelingen krijgen niet altijd de prioriteit die ze verdienen. In sommige gevallen gaat bewijsmateriaal verloren omdat er geen tijd is om sporen te onderzoeken of getuigen te horen, wat de kans op vervolging aanzienlijk verkleint.
De recherche kampt met een groot tekort: van de circa 10.000 rechercheurs gaan er de komende jaren ruim 1.500 met pensioen. De politie probeert de gaten te dichten met versnelde opleidingstrajecten en werving buiten de organisatie. Ook technologie moet helpen om het opsporingswerk te verbeteren.
Toch is volgens Veurink meer structurele financiering noodzakelijk. De politie vraagt om 350 miljoen euro extra per jaar om de druk te verlichten.
Hoogleraar criminologie Maarten Kunst (Universiteit Leiden) waarschuwt dat het vertrouwen in de politie onder druk komt te staan. “Slachtoffers moeten duidelijk te horen krijgen wat de politie wél voor hen kan doen. Zelfs als hun zaak niet wordt opgepakt, kan goede communicatie en nazorg het verschil maken.”
De cijfers tonen volgens deskundigen aan dat de grens van wat de politie aankan in zicht is — en dat dit niet alleen gevolgen heeft voor de opsporing, maar ook voor het vertrouwen in de rechtsstaat.







































































































