Beveiligingnieuws Logo

Onze partners

Supraenet

MOBOTIX

ASSA ABLOY

Securitas

MPL

Nenova

Unii

LUGN

SOBA

Paxton

CSL

Network Optix

Bydemes

Alphatronics

Teletek

Seris

OSEC

Regio Control Veldt

Bosch Security Systems

Service Centrale Nederland

Masset

HD Security

ARAS

Uniview

VAIBS

Ajax Systems

WBN Security

G4S

Alarm Meldnet

ASIS

Multiwacht Security

IDIS

ADI

Eizo

SMC Alarmcentrale

Sequrix

VBN

i-Pro

Synguard

Advancis

SmartSD

Connect Security

Distri Company

Paralax

VIGI

Paraat

Centurion

OpenEye

Eagle Eye Networks

2N

Add Secure

Kidde Commercial

Genetec

Trigion

HID

Milestone

Top Security

Optex

Seagate

Aritech

Traka ASSA ABLOY

VEB

Hanwha Vision Europe

Van Dusseldorp Training

VisionPlatform.ai

VVNL

CDVI

Lobeco

VGN Group

NIBHV

Akuvox

SmartCell

Crown Security Services

Secusoft

Brivo

Onderzoeksbureaus op jacht naar voortvluchtige criminelen?

30 december 2019
Redactie
09:37

Onderzoeksbureaus kunnen prima helpen bij het opsporen van gevluchte criminelen. Dat stelt de Nederlandse Veiligheidsbranche op basis van een pilot. Daarbij wisten particuliere rechercheurs van elf voortvluchtige personen de woon- of verblijfplaats in het buitenland te achterhalen.

Het gebeurt nogal eens dat criminelen na hun veroordeling of tijdens verlof de grens over vluchten. Een heel bekend voorbeeld is natuurlijk Ridouan Taghi, die zich in Dubaï bleek op te houden. Maar ook minder bekende criminelen zoeken hun heil liever in het buitenland, dan in Nederland achter de tralies te moeten zitten. Om deze personen niet de dans te laten ontspringen, startte het ministerie van Justitie en Veiligheid een proef met particuliere onderzoeksbureaus. Via een aanbesteding werd de uitdaging uitgezet om van 25 voortvluchtige personen, die nog een gevangenisstraf van minimaal 120 dagen moesten uitzitten, het vermoedelijke adres in het buitenland te achterhalen. Onderzoeksbureau Pinkerton in Zoetermeer won de aanbesteding en ging met de opdracht aan de slag.

Onderzoekslijnen
Afgesproken werd dat de onderzoekers uitsluitend gebruik zouden maken van publiek toegankelijke bronnen. Bovendien moest ter wille van een rechtmatige aanhouding goed beschreven worden op welke manier een adres was achterhaald. Met deze adressen (en een positieve ID-verificatie) zou het ministerie van Justitie en Veiligheid aan buitenlandse autoriteiten vragen de gezochte personen aan te houden.
Van de veroordeelden werd door justitie verondersteld dat deze zich ophielden in verschillende Europese landen. Pinkerton ging langs twee lijnen op zoek naar hun waarschijnlijke woon- of verblijfplaats. Eerst gingen data-analisten op zoek via officiële bekendmakingen van buitenlandse overheden, zoekmachines, sociale media, publiek toegankelijke websites, openbare telefoongidsen en handelsinformatie. Deze methode bleek niet het meest effectief.

Lokale partners
De tweede onderzoekslijn, het inschakelen door Pinkerton van lokale partners, leverde meer resultaten op. Lokale onderzoeksbureaus zijn vaak goed op de hoogte van specifieke omstandigheden en mogelijkheden in een land. Zo werden in Frankrijk de vermoedelijke adresgegevens van drie veroordeelden opgespoord omdat de Belastingdienst deze informatie van de ene belastingplichtige op aanvraag beschikbaar stelt aan een andere belastingplichtige. Een vierde adres werd in Frankrijk via het kadaster achterhaald. Adressen van andere veroordeelden werden opgespoord in Polen (3), Roemenië (3) en Bulgarije (1).
De Nederlandse Veiligheidsbranche vindt een steekproef van 25 personen weliswaar klein, maar noemt een score van elf vermoedelijke adressen toch ‘zeer hoopgevend’. Hiermee is overigens niet met zekerheid vast te stellen of de betrokken personen ook daadwerkelijk op het gevonden adres woonden of tijdelijk verbleven omdat het de onderzoekers niet was toegestaan ter plaatse te gaan kijken. Justitie heeft niet bekendgemaakt of de elf veroordeelden ook feitelijk zijn aangehouden.

Aanbevelingen
Op basis van de pilot doet Pinkerton enkele aanbevelingen voor een mogelijk vervolg. Ten eerste stelt het bureau dat het niet in alle landen zinvol is op deze manier op zoek te gaan naar voortvluchtige veroordeelden. Sommige landen hebben zo weinig openbare bronnen waarin persoonsgegevens te vinden zijn, dat zulk onderzoek al bij voorbaat weinig kans heeft. “Wij hebben vooraf met het ministerie afgesproken dat onderzoek uitsluitend op basis van nationale wetgeving zou worden uitgevoerd”, zegt Koos Schoonbeek, directeur van Pinkerton.
Verder is een conclusie dat de beschikbaarheid van een recente foto van een veroordeelde de kans op succes aanzienlijk vergroot. Bij deze pilot was van 10 van de 25 personen géén foto beschikbaar, wat de identificatie heeft bemoeilijkt en van deze 10 slechts één adres heeft opgeleverd.

Privacyregelgeving
De effectiviteit kan ook vergroot worden door het speurwerk te richten op landen waar op basis van de pilot blijkt dat de opsporingsmethodiek relatief eenvoudig en tegen geringe kosten kan. Als de opsporingsmethodiek erkend wordt, kan waarschijnlijk ook het meest efficiënt samengewerkt worden met de justitiële autoriteiten in het betreffende land.
Verder concludeert het onderzoeksbureau dat het verstandig kan zijn veroordeelden zelf tijdig formeel toestemming te vragen voor het verwerken van hun persoonsgegevens, bijvoorbeeld als voorwaarde voor vervroegde invrijheidstelling. Daarmee kan mogelijk voorkomen worden dat persoonlijke gegevens niet aangenomen en verwerkt mogen worden vanwege privacyregelgeving in andere EU-landen.

Tevreden
Het ministerie van Justitie en Veiligheid is volgens de Nederlandse Veiligheidsbranche tevreden over het verloop van de pilot en over de resultaten. Het zegt niet uit te sluiten dat in de toekomst vaker van particuliere onderzoeksbureaus gebruik zal worden gemaakt. Minister Sander Dekker voor Rechtsbescherming heeft enige tijd geleden een programma ‘Onvindbare veroordeelden’ geïntroduceerd, waarmee hij een impuls wil geven aan de effectieve tenuitvoerlegging van straffen.
Het idee om de pilot met een particulier onderzoeksbureau te houden kwam van de Nederlandse Veiligheidsbranche, de brancheorganisatie voor bedrijven op het gebied van particuliere beveiliging, recherche en geld- en waardentransport.
Voorzitter Ard van der Steur pleitte er recent voor om taken van politie en justitie waarvoor geen gezagsbevoegdheden of bewapening nodig zijn, vaker uit te besteden aan particuliere beveiligingsorganisaties met het Keurmerk Beveiliging. Hij denkt daarbij aan zorg voor arrestanten, baliewerk, het verwerken van aangiftes, het opstellen van meetapparatuur voor snelheidsmetingen, alcoholcontroles, maar bijvoorbeeld ook het opsporen van veroordeelden met een openstaande straf.
“Op die manier kunnen politie en justitie zich focussen op taken waarvoor wel speciale bevoegdheden nodig zijn”, aldus Van der Steur, “en leveren we gezamenlijk een optimale bijdrage aan veiligheid en rechtsbescherming.”

Deel dit artikel via:

Vlog

Premium partners

Distri Company

SequriX

VIGI

Seagate

Suricat

Artitech Kidde Commercial

Boon Edam

Wordt een partner