Oud-leider Satudarah wil via Raad van State baan als beveiliger op Schiphol terug

Een voormalige wereldwijde leider van de verboden motorclub Satudarah vecht bij de Raad van State de intrekking aan van zijn toestemming om als beveiliger op Schiphol te werken. De man uit Lelystad werkte jarenlang op de luchthaven als operationeel leidinggevende bij beveiligingsbedrijf I-SEC Nederland, maar verloor in 2023 zijn verklaring van geen bezwaar.
Voor bepaalde functies in de beveiliging op Schiphol is toestemming van de minister vereist. De man kreeg die verklaring voor het eerst in 2017 en opnieuw in 2022. Volgens zijn jurist was zijn voormalige betrokkenheid bij Satudarah daarbij bekend. Hij zou zijn lidmaatschap nooit hebben verzwegen en ook op zijn werk was zijn verleden geen geheim.
Satudarah werd in Nederland in 2018 verboden, nadat het gerechtshof had geoordeeld dat de motorclub een cultuur stimuleerde waarin strafbare feiten en geweld werden bevorderd. De voormalig leider werd zelf eveneens strafrechtelijk vervolgd. De uiteindelijke veroordelingen vielen volgens zijn verdediging lager uit dan de straffen die het Openbaar Ministerie aanvankelijk had geëist.
Ambtelijke fout
Het ministerie trok de in 2022 afgegeven verklaring van geen bezwaar in maart 2023 alsnog in. Volgens het ministerie was de eerdere toestemming het gevolg van een ambtelijke fout. Daarbij zou informatie van de AIVD wijzen op mogelijke risico’s voor de nationale veiligheid. Voormalige contacten binnen de motorclub en familiebanden zouden de man mogelijk kunnen beïnvloeden.
De beveiligingsmedewerker stelt zich daartegen teweer. De inhoud van de onderliggende AIVD-informatie is geheim, waardoor hij en zijn advocaat niet volledig kunnen controleren waarop het ministerie zijn besluit baseert.
De rechtbank Midden-Nederland oordeelde eerder dat de minister het vertrouwen van de man had geschonden door de verklaring eerst af te geven en later weer in te trekken. Toch bleef het besluit in stand. Volgens de rechtbank kan de man ander werk vinden met vergelijkbare inkomsten. Hij werkt inmiddels als zelfstandige.
De man en zijn partner zijn tegen die uitspraak in hoger beroep gegaan. De Raad van State zal naar verwachting binnen enkele weken uitspraak doen.












































































































