Politie mag vaker dna afnemen bij overleden verdachten
Hoewel een dode niet vervolgd kan worden, wil de politie wel dna kunnen afnemen als de persoon verdacht wordt van een misdrijf. Dit om eventuele andere door de dode verdachte gepleegde misdrijven te kunnen oplossen. Een nieuwe werkinstructie van het OM maakt dit nu mogelijk, meldt het AD.
Aan de wijziging ging een jarenlange politieke discussie vooraf. De doorslag gaf het belang voor slachtoffers en nabestaanden dat ook bij eerder gepleegde misdrijven alsnog een dader in beeld komt. Als duidelijk is dat iemand een misdrijf heeft gepleegd, bijvoorbeeld omdat hij op de plaats delict om het leven komt, is de kwestie niet heel erg ingewikkeld. Anders ligt het als de verdenking pas na het overlijden ontstaat. Bijvoorbeeld omdat kinderporno op de computer wordt aangetroffen of omdat de politie verboden wapens in de woning aantreft. Voorheen was afname van dna dan niet toegestaan, omdat dit niet in het belang kon zijn voor vervolging van de verdachte. Een dode kan immers niet worden gestraft.
Zelfmoordenaars
Toch is wel eens eerder dna afgenomen van een dode die op dat moment nog niet verdacht werd. Dat was in 2005 en betrof een schooldirecteur die voor de trein was gesprongen. Zijn dna stemde overeen met dna dat was gevonden op de lichamen van een vermoord en een verkracht jongetje. Al sinds die tijd pleit de politie voor een verruiming van de bevoegdheden. Zeker nadat uit Deens onderzoek was gebleken dat bij mannelijke zelfmoordenaars de kans twaalf keer zo groot is dat zij een misdaad hebben gepleegd. De politie mag echter nog niet van elke man die zelfmoord heeft gepleegd dna afnemen. Afname mag alleen van personen die tijdens hun leven al eens verdacht zijn geweest of waarbij tijdens het onderzoek naar de doodsoorzaak verdenkingen ontstaan van ernstige misdrijven.






































































































