Politie vermoedt Nederlandse betrokkenheid bij hack op Odido

De politie heeft sterke aanwijzingen dat Nederlandse criminelen betrokken zijn bij de grootschalige cyberaanval op telecomprovider Odido, waarbij eerder dit jaar de gegevens van ongeveer zes miljoen klanten werden buitgemaakt. Uit het lopende onderzoek blijkt dat kort voor de aanval een Nederlandssprekende man telefonisch contact opnam met de klantenservice van het telecombedrijf en zich voordeed als een interne IT-medewerker.
Volgens de politie vormde dit telefoongesprek vermoedelijk een belangrijke schakel in de aanval. Kort daarna wisten de daders via phishing toegang te verkrijgen tot systemen van het bedrijf, waarna de grootschalige datadiefstal plaatsvond. Over de exacte inhoud van het gesprek doet de politie vanwege het onderzoek geen mededelingen.
Het onderzoek naar de cyberaanval loopt inmiddels al maanden. Digitale specialisten van de politie hebben in die periode meerdere servers uit de lucht gehaald die volgens de onderzoekers werden gebruikt om de gestolen gegevens te verspreiden. Tijdens het onderzoek zijn op verschillende momenten digitale sporen veiliggesteld die moeten bijdragen aan het identificeren van de verdachten.
Sporen
Onderzoeksleider Stan Duijf benadrukt dat cybercriminelen, ondanks hun digitale werkwijze, vaak sporen achterlaten. Volgens hem is digitaal recherchewerk complex en tijdrovend, maar bieden de verzamelde aanwijzingen voldoende aanknopingspunten om het onderzoek voort te zetten. De politie verwacht dat het onderzoek nog geruime tijd in beslag zal nemen.
De politie en het Openbaar Ministerie doen ondertussen een oproep aan het publiek om informatie te delen over mogelijke betrokkenen. Onderzoekers vermoeden dat de verdachten online of binnen hun eigen omgeving over de hack hebben gesproken. Ook binnen de cybercrimegemeenschap zou kennis bestaan over de daders en hun werkwijze.
Als de man die zich telefonisch voordeed als IT-medewerker zich niet vrijwillig meldt, overweegt de politie op een later moment zijn stem openbaar te maken. Daarmee hopen de opsporingsdiensten nieuwe tips te verkrijgen die kunnen leiden tot de identificatie en aanhouding van de verantwoordelijken voor een van de grootste datalekken in Nederland van de afgelopen jaren.







































































































