Steeds meer camera’s op werkvloer: waar liggen de grenzen?

Op steeds meer werkvloeren hangen camera’s. Voor werkgevers lijkt het een handige manier om toezicht te houden, maar bij werknemers groeit de onrust. Want mag een baas eigenlijk zomaar meekijken – zelfs in pauzeruimtes of via een app op zijn telefoon?
Vakbonden CNV en FNV merken dat het aantal klachten over cameratoezicht toeneemt. Alleen al in 2024 kwamen er bij het CNV 175 meldingen binnen van werknemers die zich ongemakkelijk voelen bij plotselinge of stiekeme plaatsing van camera’s. “We horen verhalen over camera’s in kantines, in keukens en zelfs over systemen die ook geluid opnemen”, zegt CNV-woordvoerder Kees de Vos. “Sommige werkgevers gebruiken hun smartphone om op afstand mee te kijken en werknemers direct aan te spreken. Dat is een zeer zorgelijke ontwikkeling.”
AI-gestuurde volgsystemen
De technologische mogelijkheden zijn de laatste jaren sterk toegenomen. Niet alleen camera’s, maar ook AI-gestuurde volgsystemen, GPS-trackers en software die elke muisklik bijhoudt, worden steeds vaker ingezet. Vooral in sectoren als callcenters, logistiek en schoonmaak is monitoring inmiddels gemeengoed. “Achterdocht en wantrouwen mogen nooit een reden zijn om het recht op privacy van werknemers opzij te schuiven”, stelt Khalid Azougagh, beleidsadviseur bij FNV.
Toch mag een werkgever niet zomaar camera’s ophangen of andere monitoringsmiddelen gebruiken. Volgens de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) moet er altijd een zwaarwegende reden zijn en moet monitoring proportioneel zijn. “Werkgevers moeten goed kunnen beargumenteren waarom toezicht nodig is, en of er geen minder ingrijpende alternatieven zijn”, legt AP-woordvoerder Mark Schenkel uit. Daarnaast is het verplicht werknemers vooraf te informeren en moet de ondernemingsraad instemmen. Heimelijk filmen mag alleen tijdelijk en bij een concrete verdenking van fraude of strafbare feiten.
Regels niet altijd nageleefd
In de praktijk worden deze regels lang niet altijd nageleefd. Zo blijkt een kwart van de bedrijven die verplicht een ondernemingsraad moeten hebben, die helemaal niet te hebben. Ook worden privacytoetsen regelmatig overgeslagen. Werknemers weten vaak niet welke rechten ze hebben of durven uit angst voor repercussies geen melding te maken.
Vakbonden en de AP benadrukken dat werknemers wel degelijk stappen kunnen ondernemen, bijvoorbeeld via de ondernemingsraad, personeelszaken of door melding te doen bij de toezichthouder. Toch blijft de drempel hoog. “Veel mensen met een tijdelijk contract voelen zich kwetsbaar en durven hun werkgever niet tegen te spreken”, zegt Azougagh.
Intussen waarschuwen de bonden dat het voortdurende toezicht niet alleen juridisch discutabel is, maar ook schadelijk voor de werksfeer. “Het werkt verstikkend en vergroot de afstand tussen werkgever en werknemer”, aldus De Vos. “Privacy is een grondrecht, ook op de werkvloer.”







































































































