Steeds meer interesse voor oorlogsrisicoverzekeringen

Toenemende gewapende conflicten, geopolitieke onzekerheid en burgerlijke onrust stuwen de markt voor oorlogsrisicoverzekeringen omhoog. Zowel organisaties als particulieren zoeken naar manieren om financiële risico’s die samenhangen met conflicten af te dekken.
De oorlog in Oekraïne heeft deze vorm van verzekering extra in de schijnwerpers gezet. Volgens de BBC sloten particulieren in toenemende mate polissen af voor hun huizen, auto’s en persoonlijke eigendommen, omdat reguliere verzekeringen schade door oorlog niet dekken. Toch blijft het merendeel van de polissen afkomstig van bedrijven die zich willen beschermen tegen de gevolgen van gewapende conflicten.
Oorlogsrisicoverzekeringen dekken uiteenlopende niveaus, variërend van sabotage en terrorisme tot burgeroorlog en internationale conflicten. Verzekeraars proberen meestal de hele bandbreedte te bestrijken, omdat het vaak lastig is te bepalen wanneer een dreiging overgaat van sabotage naar een formele oorlog. Sinds de aanslagen van 11 september 2001 is de sector exponentieel gegroeid.
Vooral in transport en logistiek
Volgens Insurance Journal bedroeg de wereldwijde premieomzet begin 2024 bijna één miljard dollar. Vooral de transport- en logistieke sector maakt gebruik van deze dekking, bijvoorbeeld als aanvulling op traditionele scheepvaartverzekeringen. De verzekering kan verliezen door stilstaande vliegtuigen, omgeleide schepen of beschadigde lading dekken. In de eerste helft van 2024 hielp oorlogsrisicodekking om ongeveer 150 miljard dollar aan goederenstromen door de Rode Zee en de Zwarte Zee veilig te stellen. Reders sluiten doorgaans aparte polissen af voor vaarroutes door oorlogsgebieden; deze zijn meestal zeven dagen geldig, maar kunnen oplopen tot een jaar.
Zonder deze gespecialiseerde verzekeringen zou de impact op vitale handelsroutes veel groter zijn geweest, verklaarde Chris Goddard, oprichter en CEO van Vessel Protect, aan Insurance Journal. Toch blijft het voor verzekeraars een gok: de kans dat een schip schade oploopt wordt berekend op basis van het aantal schepen in het gebied en recente incidenten. Een enkele aanval kan leiden tot enorme claims. Zo werd in juni 2024 het schip Tutor, met een waarde van 37 miljoen dollar, tot zinken gebracht door een Houthi-droneboot in de Rode Zee.
Verschillen in premies
De reeks aanvallen door Houthi’s leidde tot een verdubbeling van de verzekeringskosten in het gebied. Premies stegen van circa 0,4 procent naar 0,75 procent van de scheepswaarde, wat voor een enkele reis honderdduizenden dollars extra kan betekenen, meldde Reuters in augustus.
Ook op land neemt de vraag toe. Bedrijven die actief zijn in risicogebieden zoals Libanon of Israël betalen momenteel tussen de 0,5 en 2 procent van de verzekerde som. Voor een dekking van 100 miljoen dollar kan dat oplopen tot 2 miljoen dollar per jaar. In stabielere Golfstaten liggen de tarieven aanzienlijk lager, tussen 0,025 en 0,05 procent.
Voor verzekeraars is het bepalen van de juiste premie echter een complexe opgave. Burgerlijke onrust verandert vaak zo snel dat historische gegevens nauwelijks bruikbare voorspellingen opleveren. Volgens risicodeskundige Constantin Gurdgiev van de University of Northern Colorado zijn oorlogen en conflicten “black swan events”: zeldzaam, moeilijk voorspelbaar en daardoor lastig te vertalen naar betrouwbare prijscalculaties.






































































































