Steeds vaker noodverordeningen en veiligheidsrisicogebieden

Steeds meer gemeenten grijpen naar noodmaatregelen die de bewegingsvrijheid van burgers kunnen beperken. Uit data-onderzoek van de NOS blijkt dat het aantal noodverordeningen en veiligheidsrisicogebieden de afgelopen tien jaar sterk is toegenomen. Waar in 2012 slechts zeven van dergelijke besluiten actief waren, gaat het dit jaar al om 77 maatregelen in 38 gemeenten. Daarmee kunnen burgemeesters sneller ingrijpen, bijvoorbeeld door preventief fouilleren toe te staan of samenscholingsverboden op te leggen.
Volgens hoogleraar recht Jan Brouwer van de Rijksuniversiteit Groningen lijkt het gebruik van dergelijke bevoegdheden in rap tempo te normaliseren. Hij wijst erop dat veiligheidsrisicogebieden vooral bedoeld zijn voor tijdelijke inzet, maar in de praktijk soms jarenlang worden verlengd. In gemeenten zoals Nissewaard is sprake van gebieden die ieder jaar opnieuw worden bekrachtigd, ondanks dat de oorspronkelijke aanleiding – zoals een reeks steekincidenten – inmiddels is afgenomen.
Wapenbezit onder jongeren
De toename van veiligheidsrisicogebieden hangt volgens gemeenten vooral samen met de wens om wapenbezit onder jongeren tegen te gaan. Burgemeester Bert Wijbenga van Vlaardingen noemt het instrument onmisbaar en wijst op de tientallen wapens die tijdens fouilleeracties worden aangetroffen. Hij benadrukt dat controles a-select plaatsvinden, onder toezicht van een waarnemer om ongewenste profilering te voorkomen. Toch blijft er kritiek: Amnesty International waarschuwt dat de inzet van zulke vergaande bevoegdheden steeds vanzelfsprekender lijkt te worden, ook wanneer minder ingrijpende middelen mogelijk volstaan.
Structurele groei
De coronaperiode leidde eveneens tot een stijging van noodverordeningen, al vloeide dit toen vooral voort uit landelijke maatregelen die lokaal moesten worden vastgelegd. Ook buiten deze uitzonderlijke periode is echter sprake van een structurele groei. Naast wapengerelateerde incidenten spelen ook protesten en risicovolle voetbalwedstrijden een rol in de besluitvorming van burgemeesters.
Een belangrijke vraag is wanneer dergelijke maatregelen moeten worden afgeschaald. Brouwer stelt dat burgemeesters vaak zowel de aanwezigheid als de afwezigheid van incidenten reden vinden om een maatregel te verlengen. Hierdoor ontstaat volgens hem het risico dat ingrijpende bevoegdheden semi-permanent worden.
Amnesty blijft intussen meldingen ontvangen van burgers die tijdens fouilleeracties of in veiligheidsrisicogebieden hun rechten beperkt zagen. Toch benadrukken gemeenten dat veiligheid vooropstaat. “Vlaardingen wordt geen politiestaat”, zegt Wijbenga. “Maar het moet wél veiliger worden.”







































































































