Vervangingstermijn moedersprinklers verruimd naar 20 jaar

Moedersprinklers in sprinklerinstallaties dienen voortaan elke 20 jaar te worden vervangen, tenzij de fabrikant een aantoonbaar langere garantie biedt. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) heeft hierover een interpretatiebesluit gepubliceerd.
Bij de brandbeveiliging van vuurwerkopslag en -verkoop draait het om het voorkomen van brand in het vuurwerk zelf. Daarom ligt de nadruk op het zo snel mogelijk natmaken van het vuurwerk. Wanneer een brand buiten de (buffer)bewaarplaats ontstaat, wordt de moedersprinkler bij de toegangsdeur geactiveerd. Dit zorgt ervoor dat de sprinklers in de (buffer)bewaarplaats aangaan, waardoor het vuurwerk nat wordt en niet langer als brandstof kan dienen.
De interpretatie betreft de norm NEN-EN 12845+NEN 1073, waarin het onderhoud van sprinklerinstallaties wordt beschreven. Deze norm is van toepassing binnen het kader van Memorandum 60:2020 voor de brandbeveiliging van vuurwerkverkooppunten. Omdat de norm geen specifieke vervangingstermijn voor moedersprinklers vermeldt, was interpretatie noodzakelijk.
Voorheen was de vervangingstermijn 10 jaar, tenzij de fabrikant een langere garantie bood. Dit was gebaseerd op het Amerikaanse voorschrift NFPA 25. Recentelijk is deze termijn in de VS verlengd naar 20 jaar. Technisch gezien zijn er geen belemmeringen voor deze verlenging van 10 naar 20 jaar, waardoor de termijn ook in Nederland is aangepast.








































































































