Waarom geen strafverzwaring bij geweld tegen beveiligers?

Bij geweld tegen personen met een publieke taak (VPT-delicten), zoals politieagenten en andere uniformdragers, hanteert het Openbaar Ministerie als richtlijn een drie keer zo zware strafeis. Voor particuliere beveiligers geldt deze bescherming niet en dat is onacceptabel zegt voorzitter Ard van der Steur van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Wij vroegen hem waarom deze kwestie maar blijft voortduren.

Voor geweld tegen een persoon eist het OM in de regel 150 uur taakstraf tot 6 maanden cel. Dit is afhankelijk van het veroorzaakte letsel. Bij zware mishandeling kan de strafeis oplopen tot 6 jaar cel. Als het gaat om geweld tegen iemand die een publieke taak uitoefent, wordt de strafeis drie keer zo zwaar. Die bescherming is er onder andere voor politieagenten, ambulancemedewerkers, brandweerlieden en medewerkers van het openbaar vervoer. Maar niet voor particuliere beveiligers, omdat die geen publieke taak zouden uitvoeren. Als dat laatste wel het geval is, zoals bij beveiligers die boa-taken uitvoeren, geldt de extra rechtsbescherming wel. Van der Steur benadrukt dat dit onderscheid niet terecht is. “De laatste jaren zijn steeds meer publieke veiligheidstaken naar de private sector gegaan. Denk maar aan het beveiligen van winkels, festivals, horecagebieden en openbare gebouwen. De particuliere beveiliger doet dus feitelijk het werk dat voorheen door overheidsmedewerkers werd gedaan en verdient mijns inziens daarom dezelfde rechtsbescherming.”
Onterecht
Deze kwestie sleept al jaren. Ook toen Van der Steur zelf minister van Justitie was (2015-2017). Wat vond hij er toen van? “Ook in die tijd werden particuliere beveiligers niet genoemd als het om strafverzwaring bij geweld ging. Achteraf onterecht natuurlijk, want voor degene die geweld pleegt maakt het niet uit om wat voor uniform het gaat. Die richt zich tegen het gezag en de eerste die in een uniform wordt gezien, moet het ontgelden. Daarom zeggen wij namens de branche dat als onze 30 duizend beveiligers worden geconfronteerd met agressie en geweld, voor hen dezelfde regels moeten gelden als voor veiligheidsmedewerkers van de overheid. Wij hebben daar verschillende keren op hoog niveau over gesproken, maar andere prioriteiten bij het ministerie lijken ervoor te zorgen dat ons verzoek tot aanpassing van het wetsvoorstel voor strafverzwaring ondergesneeuwd raakt. Ook vanuit de Tweede Kamer en dan met name door VVD-er Ingrid Michon is voor ons standpunt gepleit, maar helaas nog zonder succes.”
55 procent is regelmatig slachtoffer
De extra rechtsbescherming voor particuliere beveiligers is geen overbodige luxe. Uit wetenschappelijk onderzoek in opdracht van de Nederlandse Veiligheidsbranche blijkt dat 55 procent van de beveiligers regelmatig met agressie te maken heeft. In de horeca is dat zelfs meer dan 92 procent. Sommige beveiligers overkomt het zelfs dagelijks. De aard van de agressie varieert van verbale uitingen, zoals scheldpartijen, tot bedreigingen en fysieke agressie waarbij beveiligers zelfs worden geslagen of vastgegrepen. Van der Steur: “Ik sprak laatst een vrouwelijke beveiliger, waarbij al verschillende malen haar uit haar hoofd was getrokken. Sommige beveiligers houden er blijvend geestelijk letsel aan over. En het erge is dat veel beveiligers het nog accepteren ook, alsof het nu eenmaal bij hun werk hoort. Ook dat vind ik echt niet kunnen. We hebben er daarom bij onze leden op aangedrongen om goede trainingen te geven in het de-escaleren van agressie en dat gebeurt gelukkig ook. De volgende stap wordt het stimuleren om vaker aangifte te doen, zodat politie en OM gaan inzien dat hier sprake is van een maatschappelijk probleem, dat opgepakt moet worden.”
Essentiële schakel
Met de trainingen en het stimuleren van aangifte pakt de branche haar eigen verantwoordelijkheid op. “Maar we vinden dat ook de overheid een been moet bijtrekken en gaat inzien dat particuliere beveiligers een aanzienlijk belangrijker onderdeel zijn geworden van de veiligheid in onze samenleving en daarom dezelfde bescherming verdienen als overheidsmedewerkers. Ik begrijp best dat de overheid ook andere prioriteiten heeft, maar we praten hier wel over mensen die een essentiële en niet meer weg te denken schakel zijn in de veiligheid van onze samenleving. Vooral ’s nachts. Dan zijn er aanzienlijk meer particuliere beveiligers op straat dan politieagenten. En dat verschil wordt alsmaar groter. De politie trekt zich steeds verder terug uit de samenleving en dan zien we dat het ontstane gat wordt gedicht door de particuliere beveiliging. Alleen al daardoor vinden wij dat particuliere beveiligers het recht hebben verworven om net als agenten als professionele verantwoordelijken binnen het veiligheidsdomein te worden behandeld. Om de overheid en de politiek hiervan te overtuigen, nodigen wij vertegenwoordigers daarvan regelmatig uit voor bezoeken aan locaties waar beveiligers actief zijn. Dan zie je dat er ineens met hele andere ogen naar ons werk wordt gekeken en dat men onder de indruk raakt van de professionaliteit van beveiligers op bijvoorbeeld festivals. Het is fantastisch hoe over onze veiligheid wordt gewaakt. Ik besluit dan ook altijd met het verzoek om de handschoen op te pakken en ervoor te pleiten dat beveiligers dezelfde bescherming krijgen als uniformdragers van de overheid. Qua wetgeving is het niet ingewikkeld. Dus kan je je afvragen waarom het niet gewoon gebeurt!”







































































































