Wat is ATEX-verlichting en wanneer is het verplicht?

In industriële omgevingen waar gewerkt wordt met brandbare gassen, dampen, nevels of stofdeeltjes kan explosiegevaar ontstaan. Denk bijvoorbeeld aan chemische fabrieken, productieomgevingen, opslagruimtes, silo’s, verffabrieken, afvalverwerking, olie- en gasinstallaties of voedingsmiddelenindustrie. In zulke situaties is gewone verlichting niet altijd veilig genoeg. Een armatuur kan namelijk warmte produceren, vonken veroorzaken of defect raken op een manier die in een explosiegevaarlijke omgeving risico’s oplevert. Daarom wordt in deze omgevingen gebruikgemaakt van ATEX-verlichting. Dit is verlichting die speciaal is ontworpen en gecertificeerd voor gebruik in zones waar explosiegevaar aanwezig kan zijn. Bedrijven die werken in dergelijke risicogebieden moeten goed beoordelen welke verlichting geschikt is, zodat medewerkers veilig kunnen werken en installaties voldoen aan de geldende veiligheidsrichtlijnen.
ATEX is een Europese richtlijn die betrekking heeft op apparatuur en werkomgevingen waar explosiegevaar kan voorkomen. De naam komt van het Franse “ATmosphères EXplosibles”, wat explosieve atmosferen betekent. Een explosieve atmosfeer ontstaat wanneer brandbare stoffen zich mengen met lucht en door een ontstekingsbron tot ontploffing kunnen komen.
| Ontstekingsbronnen kunnen onder andere zijn: ∘ elektrische vonken; ∘ hete oppervlakken; ∘ statische elektriciteit; ∘ mechanische wrijving; ∘ defecte elektrische apparatuur; ∘ ongeschikte verlichting. |
Omdat verlichting vaak langdurig aanstaat en onderdeel is van de elektrische installatie, speelt de juiste keuze van armaturen een belangrijke rol in de veiligheid van ATEX-zones.
Waarom is standaard verlichting niet geschikt?
Standaard LED-verlichting of conventionele industriële verlichting is meestal niet ontworpen voor explosiegevaarlijke omgevingen. In normale bedrijfsruimtes vormt dit geen probleem, maar in ATEX-zones kan een kleine vonk of te hoge oppervlaktetemperatuur al voldoende zijn om een explosieve atmosfeer te ontsteken.
ATEX-armaturen zijn daarom anders opgebouwd dan reguliere verlichting. Ze zijn ontworpen om risico’s zoals vonkvorming, oververhitting en binnendringing van stof of gas zoveel mogelijk te beperken. Ook worden ze getest en gecertificeerd voor specifieke zones en omstandigheden.
Wie verlichting nodig heeft voor explosiegevaarlijke ruimtes, moet daarom kiezen voor gecertificeerde ATEX verlichting die past bij de zone-indeling en de risico’s binnen de werkomgeving.
Wanneer is ATEX-verlichting verplicht?
ATEX-verlichting is verplicht wanneer verlichting wordt geplaatst in een omgeving waar volgens de risicoanalyse explosiegevaar aanwezig is. Werkgevers zijn verplicht om de risico’s op de werkvloer te beoordelen. Als uit deze beoordeling blijkt dat er sprake is van een explosiegevaarlijke atmosfeer, moet de ruimte worden ingedeeld in ATEX-zones.
Op basis van die zone-indeling wordt bepaald welke apparatuur, waaronder verlichting, veilig gebruikt mag worden. Dit betekent dat niet elke ruimte automatisch ATEX-verlichting nodig heeft, maar wel elke ruimte waar explosiegevaar daadwerkelijk kan optreden.
| Voorbeelden van situaties waarin ATEX-verlichting nodig kan zijn: ∘ ruimtes waar brandbare gassen of dampen vrijkomen; ∘ productieomgevingen met fijn brandbaar stof; ∘ opslagplaatsen voor oplosmiddelen, brandstoffen of chemicaliën; ∘ spuiterijen en verwerkingsruimtes; ∘ silo’s of installaties met poeders; ∘ offshore, olie- en gaslocaties; ∘ afvalverwerking en recyclingomgevingen. |
ATEX-zones voor gas en stof
Explosiegevaarlijke omgevingen worden onderverdeeld in zones. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen gas, damp of nevel enerzijds en stof anderzijds.
Bij gas, damp of nevel wordt meestal gesproken over:
- Zone 0: explosieve atmosfeer is voortdurend of langdurig aanwezig.
- Zone 1: explosieve atmosfeer kan tijdens normaal bedrijf af en toe aanwezig zijn.
- Zone 2: explosieve atmosfeer komt normaal gesproken niet voor, of slechts kortstondig.
Bij stofexplosiegevaar wordt meestal gesproken over:
- Zone 20: explosieve stofatmosfeer is voortdurend of langdurig aanwezig.
- Zone 21: explosieve stofatmosfeer kan tijdens normaal bedrijf af en toe aanwezig zijn.
- Zone 22: explosieve stofatmosfeer komt normaal gesproken niet voor, of slechts kortstondig.
Hoe hoger het risico, hoe strenger de eisen aan de apparatuur. Een armatuur dat geschikt is voor de ene zone, is dus niet automatisch geschikt voor een andere zone.
Waar moet je op letten bij het kiezen van ATEX-verlichting?
Bij het kiezen van ATEX-verlichting gaat het niet alleen om voldoende lichtopbrengst. De verlichting moet technisch passen bij de risico’s van de omgeving. Belangrijke aandachtspunten zijn onder andere:
- de ATEX-zone waarin de verlichting wordt geplaatst;
- het type explosiegevaar: gas, damp, nevel of stof;
- de temperatuurklasse van het armatuur;
- de IP-beschermingsgraad;
- de lichtopbrengst en lichtverdeling;
- de montagehoogte;
- de omgevingstemperatuur;
- onderhoudsvriendelijkheid;
- levensduur en energieverbruik;
- noodzaak voor noodverlichting of vluchtwegverlichting.
Een lichtoplossing moet dus zowel veilig als praktisch zijn. Medewerkers moeten goed zicht hebben op hun werkplek, looproutes en installaties, terwijl het armatuur tegelijkertijd voldoet aan de technische veiligheidseisen.
De rol van goed lichtadvies
Omdat ATEX-omgevingen vaak complex zijn, is deskundig advies belangrijk. Een verkeerde keuze kan leiden tot veiligheidsrisico’s, onnodige kosten of verlichting die niet voldoet aan de eisen van de ruimte. Daarnaast speelt ook de kwaliteit van het licht een rol. Te weinig licht kan leiden tot onveilige werksituaties, terwijl verkeerde lichtverdeling of verblinding het werkcomfort vermindert.
Een specialist zoals Stabicom kan helpen bij het selecteren van de juiste verlichting voor industriële en explosiegevaarlijke omgevingen. Daarbij wordt gekeken naar de situatie op locatie, de zone-indeling, de gewenste lichtopbrengst en de technische eisen waaraan de armaturen moeten voldoen.
ATEX-verlichting is essentieel in omgevingen waar explosiegevaar kan ontstaan door gas, damp, nevel of stof. Gewone verlichting is in zulke situaties niet geschikt, omdat deze onvoldoende bescherming biedt tegen mogelijke ontstekingsbronnen. Zodra een ruimte als ATEX-zone is aangemerkt, moet de verlichting voldoen aan de juiste veiligheidseisen.
Door vooraf goed te kijken naar de zone-indeling, de aanwezige risico’s en de praktische verlichtingsbehoefte, kunnen bedrijven zorgen voor een veilige en betrouwbare werkomgeving. ATEX-verlichting draagt daarmee niet alleen bij aan naleving van regelgeving, maar vooral aan de bescherming van medewerkers, installaties en bedrijfsprocessen.







































































































