CCV en Kiwa werken hard aan toekomstplan PKVW

Sinds 1 juli is Kiwa uitvoerder van het Politiekeurmerk Veilig Wonen. Niet voor het eerst, maar wel voor het eerst als enige partij. De overstap leidde ongewild tot onrust en onvrede in de branche. “Begrijpelijk, maar niet nodig”, benadrukt Susanne Schat van het CCV. “Het wordt alleen maar beter zo.”

Het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) is in 1995 opgezet door de politie en na verloop van tijd verzelfstandigd in een stichting. In 2005 volgde de overdracht aan het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid, dat de regeling nog altijd beheert. De uitvoering – dus het certificeren – werd overgelaten aan certificeringsinstellingen, waaronder CIBV, CB&V en Kiwa. Die ‘versnippering’ was na enkele jaren niet langer wenselijk. Het CCV wilde één sterke partij, die niet alleen controleert, maar die beveiligingsbedrijven ook helpt het goed te doen. CB&V (Centrum voor Beveiliging en Veiligheid) had de beste papieren en kreeg daarom voor drie jaar het alleenrecht. De organisatie deed goed werk, maar ontwikkelde volgens het CCV niet voldoende mee met de modus operandi en de markt. Daarom werd na drie besloten een nieuwe uitvraag te doen, waarbij promotie van het keurmerk en verbinding met de ketenpartners belangrijke onderdelen zijn. “De markt had nieuwe prikkels nodig en wij zochten een partij die voor wat dat betreft goed met ons kan meedenken. Dat werd dus Kiwa FSS”, verklaart Susanne Schat.

Boos
Niet alle 200 PKVW-bedrijven waren content met de verandering. Vooral omdat de vorige overstap nog maar relatief kort geleden gemaakt moest worden. Dat leidde ertoe dat zo’n 70 bedrijven op het moment niet meer erkend zijn. “Op papier”, benadrukt Schat. “Sommige bedrijven zijn nog bezig met de overstap.” De adviseur Woninginbraken van het CCV begrijpt dat sommige ondernemers boos zijn. “De verandering viel net samen met de coronacrisis, maar dat hadden wij ook niet kunnen voorzien. We kunnen het nu niet meer terugdraaien. En dat wil ik ook niet, want er moet gewoon iets gebeuren. Kiwa heeft een mooi toekomstplan uitgestippeld, dat uiteindelijk weer gaat leiden tot ons hoofddoel en dat is het zoveel mogelijk voorkomen van woninginbraken.”

Bouwmarkten
Heel belangrijk in het tegengaan van inbraken is gebruik van goed hang- en sluitwerk. Erkende PKVW-bedrijven doen dat natuurlijk wel, maar er zijn ook veel consumenten die zelf het bouwbeslag van hun woning willen veranderen. “Die gaan dan naar de bouwmarkt, zonder dat ze makkelijk kunnen zien wat goed en wat minder goed is. Daarom hebben we vorig jaar een convenant met de bouwmarkten afgesloten. Die maken nu middels borden en folders duidelijk voor de consument welke producten aan de PKVW-eisen voldoen. Op de een of andere manier viel dit initiatief echter slecht bij de traditionele PKVW-bedrijven. Die meenden dat wij als CCV hun handel aan de bouwmarkten overdroegen. Dat was natuurlijk niet zo en dat probeerden wij ook duidelijk te maken. De bouwmarkten promoten hun bedrijven juist door folders te verstrekken, waarin geadviseerd wordt om voor extra zekerheid en certificering een vakman in te schakelen. 49 procent van de consumenten monteert zelf hang- en sluitwerk. Die doelgroep kunnen we niet negeren.” Om het misverstand binnen de branche uit de wereld te helpen, nodigt het CCV een PKVW-bedrijf uit om zitting te nemen in de commissie die gaat over het convenant. “Die legt dan hopelijk aan zijn achterban uit hoe het in werkelijkheid zit”, aldus Schat.

Nieuw leven inblazen
De grote, bekende bouwmarkten zijn volgens Schat in het geheel niet te vergelijken met de PKVW-erkende installateurs van hang- en sluitwerk. Een uitzondering vormen sommige vestigingen van Hubo. Die zijn een erkend PKVW-bedrijf en kunnen een certificaat afgeven. De monteurs hebben de volledige PKVW-training gevolgd en weten wat het PKVW inhoudt. De grote bouwmarkten verkopen alleen producten. Wie daarmee zelf zijn woning beveiligt, komt niet in aanmerking voor het PKVW-certificaat, tenzij een erkende inspecteur het werk goedkeurt. Dat kan alleen in bestaande bouw. Bovendien wordt niet alleen naar hang- en sluitwerk gekeken. Daarom moet er altijd een erkend bedrijf aan te pas komen. Nieuwbouw wordt overigens alleen gecertificeerd als het hele traject volgens de eisen van het keurmerk is uitgevoerd en daarna is geïnspecteerd.
De adviseur Woninginbraken betreurt de commotie die de afgelopen maanden is ontstaan. “Die is schadelijk voor de PKVW-bedrijven die net als wij het beste voor hebben met de consument. We willen samen met Kiwa het keurmerk weer nieuw leven inblazen en dat lukt ook. Tien jaar is er geen certificaat voor een veilige wijk uitgegeven en dit jaar zijn het er alweer drie. Dat wakkert ook bij andere gemeenten de interesse weer aan om vanaf het begin veiligheid in te bouwen. Ook het aantal uitgegeven certificaten stijgt weer. We zien een groei van zo’n twintig procent ten opzichte van vorig jaar.”

Gedeeld

Geef een reactie