Een derde van de ouderen slachtoffer van inbraak

30 procent van de ouderen in Nederland heeft wel eens te maken gehad met een woninginbraak of een poging daartoe. Dat blijkt uit onderzoek van seniorenorganisatie KBO-PCOB. In 27 procent van de gevallen waren de bewoners thuis terwijl er werd ingebroken.

“Criminelen ontwikkelen steeds nieuwe manieren om een huis binnen te dringen”, zegt directeur Manon Vanderkaa van de ouderenorganisatie. Daarom is het volgens haar goed dat ook senioren bij de tijd blijven en dat er aandacht is voor nieuwe inbraakmethoden. Senioren zijn over het algemeen goed op de hoogte van hoe inbrekers te werk gaan. In negen van de tien gevallen wordt het openbreken van een deur of raam als methode genoemd, maar ook noemt van de senioren 89 procent de babbeltruc en 88 procent insluiping als methode om binnen te komen. Hengelen door de brievenbus wordt door 83 van de ouderen als inbraakmethode genoemd en flipperen met een bankpas door 63 procent. Het afbreken of uittrekken van cilinders is echter veel minder bekend.

Pepperspray
Volgens de KBO-PCOB gaat het 79 procent van de inbrekers om geld, sieraden en elektronica. Maar ook flessen whisky, autosleutels en e-bikes verdwijnen bij inbraken. Om het risico te verkleinen let 91 procent van de senioren er goed op dat alle deuren en ramen goed afgesloten zijn. 82 procent zet dure spullen uit het zicht, 80 procent zorgt ervoor dat het huis er tijdens vakanties bewoond uitziet en de overgrote meerderheid weet dat het niet handig is om via sociale media te laten weten dat men op vakantie is. Slechts 10 procent van de ouderen heeft elektronisch inbraakalarm en 7 procent beschikt over een paniekknop. Nog eens 7 procent heeft pepperspray of een honkbalknuppel in huis om inbrekers te verjagen.

Gedeeld

Geef een reactie