Meer mogelijk voor beveiliging en politie om elkaar te versterken

De politie krijgt steeds meer waardering voor de beveiligingssector en dat opent nieuwe kansen voor samenwerking. Beveiligers en agenten zullen nooit elkaars werk overnemen, maar er kan wel meer samen worden gedaan om gezamenlijke problemen als capaciteitstekorten het hoofd te bieden.

Dat zei directeur-generaal Politie Wim Saris van het ministerie van Justitie & Veiligheid aan het begin van de Algemene Ledenvergadering van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Hij roemde de branche die zich ontwikkeld heeft van kleine bedrijfjes en éénpitters tot de grote, professionele bedrijven die nu met zo’n 30.000 opgeleide mensen een bijdrage leveren aan een veiliger Nederland. “De minister en ik hebben een enorme waardering voor wat uw sector doet op het gebied van professionaliteit en vakbekwaamheid en de integriteit van de bedrijven en de medewerkers.”

Verbetering realiseren
Saris erkende dat de ‘mannen en vrouwen met een V’ niet meer zijn weg te denken uit de samenleving. “Jullie zijn belangrijke partners om de veiligheid in onze samenleving vorm te geven. We staan dus open voor een samenwerking die wel wat verder gaat dan het controleren en afgeven van pasjes door de politie. Een samenwerking waaraan volgens branchevoorzitter Ard van der Steur nog wel het nodige aan te verbeteren valt. De volgende stap is om die verbetering ook werkelijk te realiseren. Vooral waar dat hard nodig is, zoals op luchthavens, bij grote evenementen en in de horeca. Daar zie je steeds meer dat de politie en de beveiliging hand in hand aan het werk gaan en samen de operatie draaien. Dat kan ook niet anders. Er is voor beide partijen meer werk dan capaciteit en dan kan je beter de krachten bundelen, dan dat je met elkaar gaat concurreren.”

Delen van competenties
Om de druk op de arbeidsmarkt te verminderen stelde de directeur-generaal voor om uitwisseling van mensen tussen politie en beveiliging te bevorderen. “Beveiligers, politie en boa’s hebben elkaar veel te bieden en delen veel competenties. Iemand kan bijvoorbeeld beginnen in de beveiliging, dan overstappen naar de politie om na een paar jaar weer terug te keren naar de beveiliging. Dat is beter dan blijven proberen 18-jarigen van de arbeidsmarkt te kapen en ze proberen hun leven lang aan je te binden. Mensen blijven toch niet meer bij dezelfde organisatie werken. Dan kunnen we dus beter kijken hoe we elkaar hierin kunnen versterken. Dat kan zolang het geweldsmonopolie en specifieke politietaken aan de politie blijven voorbehouden. Er zijn dus grenzen, maar binnen die grenzen is veel meer mogelijk om er samen voor te zorgen dat Nederland een prettig land blijft om in te wonen.

Veel meer waardering
Voorzitter Van der Steur van de Nederlandse Veiligheidsbranche stelde inderdaad vast dat de politie de laatste jaren veel meer waardering heeft gekregen voor beveiligers en de beveiligingsbranche. “De politie erkent dat onze mensen goed worden opgeleid en dat meer taken aan hen overgelaten kunnen worden. Maar aan de andere kant kampen we met grote personeelstekorten. Er zijn dus bedrijven die er bepaald niet op zitten te wachten dat hun mensen overstappen naar de politie. Daarnaast hebben we te maken met een Wet particuliere beveiligingsbedrijven en recherchebureaus. Als minister heb ik daar niets van meegekregen, maar inmiddels ken ik hem uit mijn hoofd. Ik denk dat heel veel makkelijker en gestroomlijnder kan en daarom gaan we samen met de politie proberen om tot aanpassingen te komen en wel op zo kort mogelijke termijn.” De voorzitter beloofde het komend najaar met een visie op de samenwerking met de politie te komen. Daarin staat hoe de beveiligingsbranche de politie kan ondersteunen en versterken. Volgend jaar komt er ook een congres over dit onderwerp. “Zo kunnen we ook met anderen over dit onderwerp filosoferen.”

Geweldsmonopolie
De Nederlandse Veiligheidsbranche staat achter het standpunt van de politie dat het geweldsmonopolie bij de overheid moet blijven liggen. “Maar onze mensen beveiligen ook vitale infrastructuur”, stelde algemeen directeur Vinz van Es van G4S Nederland. “Als daar iets mis gaat kunnen we niet veel doen, dus dan moeten we wel heel snel op de politie kunnen rekenen.” Arjan van de Wetering van Maat Beveiliging pleitte voor een beschermde status voor beveiligers, zoals ook overheidsmensen met een publieke taak die hebben. Wie een beveiliger gewelddadig bejegent, krijgt dan een hogere straf. Van der Steur gaf aan dat daar al eens eerder voor gelobbyd is, maar zonder resultaat. De directeur-generaal zei dit terechte vraagstukken te vinden en dat hij hier als topambtenaar anders mee omgaat dan politici. Algemeen directeur Ellen Groenewoud van Trigion vroeg zich af hoe de situatie in 2025 zal zijn, als er regelmatige uitwisselingen tussen politie en beveiligers plaatsvinden. “Wat zouden beveiligers bij de politie kunnen doen en wat kunnen agenten bij de beveiligingsbedrijven doen?” Saris noemde enkele voorbeelden waar al uitwisseling plaatsvindt, zoals in gevangenissen en op politiebureaus. “Het kan op alle vlakken, behalve wanneer het gaat om geweld, noodhulp of andere typische politietaken, waarvoor beveiligers niet voldoende zijn toegerust. We moeten dus geen verwachtingspatronen scheppen, die we uiteindelijk niet kunnen waarmaken. Beveiligers, boa’s en politieagenten zullen nooit precies hetzelfde werk kunnen doen. Van Es gaf tot slot nog een tip. “’s Nachts rijden er meer van onze mensen rond dan politieagenten. Veel extra ogen en oren dus. Denk daar maar eens over na!”

Gedeeld

Geef een reactie