Organisatie Vreugdevuren moet fundamenteel anders

De twee vreugdevuren op het strand van Scheveningen en Duindorp zijn door de jaren heen zo groot geworden, dat het noodzakelijk is de organisatie fundamenteel anders aan te pakken. De vuren moeten benaderd worden als een publieksevenement met grote veiligheidsrisico’s, vindt de Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Het aansteken van de traditionele vreugdevuren op het Scheveningse strand eindigde tijdens de jaarwisseling van 2018-2019 met een vliegvuur over de boulevard en aangrenzende bebouwing. Dit zorgde voor diverse branden en veroorzaakte veel onrust bij publiek en omwonenden. Uiteindelijk bleven de gevolgen beperkt tot enkele lichtgewonden en forse materiële schade.
Zowel de bouwers, als de hulpdiensten en de gemeente Den Haag – waar Scheveningen en Duindorp onder vallen – moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor de veiligheid van bouwers, omwonenden en het publiek. Dit blijkt uit het rapport ‘Vliegvuur op Scheveningen’ dat vandaag is gepubliceerd door de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Door gebruik te maken van een vergunningentraject voor evenementen kunnen heldere voorschriften gegeven worden, is er mogelijkheid tot inspraak en kan de gemeente zich ervan vergewissen dat de organisatoren in staat zijn de verantwoordelijkheden te dragen. Vervolgens moet de gemeente hier, zoals gebruikelijk bij grote publieksevenementen, ook op handhaven.

Vliegvuur
Het vliegvuur was afkomstig van de meer dan 45 meter hoge vuurstapel van Scheveningen. Door de combinatie van onder meer de hoogte, omvang en vorm van de stapel, de aanwezigheid van vaten diesel en de snelle ontbranding van het hout ontstond een felle brand. Aan de onderzijde van de stapel lagen losse pallets, die in de brand vlogen doordat brandende stukken hout en een vat brandende diesel naar beneden vielen. Hierdoor stond al snel de hele stapel volledig in brand. De door de intense brand ontstane thermiek en turbulentie rukten grote en kleine stukken hout los van de stapel. Deze werden met de stevige westenwind verspreid over Scheveningen. Door dit vliegvuur ontstonden tientallen branden en moest het publiek worden geëvacueerd.

Organisatie
Er was geen vergunning voor de vreugdevuren, de gemeente en bouwers hadden onderling afspraken gemaakt die in 2016 werden vastgelegd in een convenant. De afspraken gingen onder meer over de bouwmethode en de maximale omvang van de stapels, de risico’s rond hittestraling en het omvallen van de stapels en verdere zaken zoals locatie, opbouw, materiaal en toezicht. Met de risico’s van vliegvuur werd geen rekening gehouden, ook niet nadat tijdens de jaarwisseling van 2017-2018 vliegvuur over de boulevard trok. Het convenant is daarop niet geactualiseerd en de gemeente liet het risico op vliegvuur niet nader onderzoeken. Met de bouwers zijn, los van het convenant, wel aanvullende en soms afwijkende afspraken gemaakt. Deze zijn echter nooit helder vastgelegd. Ook was het onduidelijk of iemand zeggenschap had over de bouwers op het strand.

Naleving en handhaving
De afgelopen jaren heeft de gemeente wel grip proberen te krijgen op de situatie, maar de bouwers wilden zo min mogelijk bemoeienis ‘van buitenaf’ en committeerden zich niet aan de gemaakte afspraken. Deze werden dan ook niet altijd nageleefd: zowel de afgesproken hoogte als de omvang van de stapel werden door de bouwers flink overschreden met respectievelijk 10 meter en 1.500 tot 2.000 kubieke meter. Ook het gebruik van vaten diesel en andere brandversnellende middelen was tegen de afspraken. De gemeente was op de hoogte van de overtredingen, maar heeft hier niet tegen opgetreden. Dat is deels verklaarbaar door de historie van vreugdevuren in de stad, waarbij de gemeente de ordeverstoringen elders in de stad wilde voorkomen door de vreugdevuren op het strand te laten plaatsvinden. Hierbij nam de gemeente ook een faciliterende rol door bijvoorbeeld een stabiele ondergrond aan te leggen en de evenementen te subsidiëren. Ook nam de gemeente het opruimen en de afhandeling van de schade voor haar rekening.

Aanbevelingen
Het vliegvuur van afgelopen jaarwisseling maakt duidelijk dat de huidige wijze van organiseren grote veiligheidsrisico’s opleverde en een fundamenteel andere aanpak vergt. De Onderzoeksraad beveelt daarom de burgemeester van Den Haag aan om proportionele eisen te stellen aan de veiligheid rond de organisatie van de vreugdevuren. Door gebruik te maken van een vergunningentraject voor evenementen kunnen heldere voorschriften gegeven worden, is er mogelijkheid tot inspraak en kan de gemeente zich ervan vergewissen dat de organisatoren in staat zijn de verantwoordelijkheden te dragen. Ook organisatoren van toekomstige vreugdevuren moeten zich inspannen om de veiligheidsrisico’s voor bouwers, omwonenden en publiek zo goed mogelijk te beheersen. Daarnaast is de Onderzoeksraad van mening dat hulpdiensten als politie en brandweer de gemeente moeten bijstaan met deskundig en kritisch advies, gevraagd en ongevraagd.

Gedeeld

Geef een reactie