Trampassagier krijgt beelden van aanslag niet te zien

Een van de trampassagiers die tijdens de aanslag in Utrecht bijna werd doodgeschoten, krijgt geen toegang tot de camerabeelden die daarvan zijn gemaakt. Dat bepaalde de Haagse rechtbank vandaag. De passagier wilde met de beelden de zogenoemde tramschutter aanklagen voor poging tot doodslag op hem.

In maart 2019 vond een terroristische aanslag plaats op passagiers in een tram in Utrecht. De aanslag is vastgelegd met bewakingscamera’s in de tram. De eiser was één van de passagiers in de tram. In kort geding vorderde hij inzage in al het beschikbare beeldmateriaal van de aanslag. De rechter heeft deze vordering echter afgewezen.

Vervolgen voor poging tot moord of doodslag
De passagier zei zich te herinneren dat de schutter zijn pistool op hem richtte en de trekker meerdere keren overhaalde. Hij leeft nog omdat het wapen weigerde. Dat is niet terug te zien op de beelden die de passagier tot nu toe heeft gezien. Daarom wil hij alle beelden uit de tram zien om zelf te kunnen vaststellen of er bewijs is om de verdachte van de aanslag te vervolgen voor poging tot moord of doodslag op hem. Daar wordt de verdachte nu niet voor vervolgd. Met betrekking tot eiser wordt hij vervolgd voor bedreiging met een terroristisch misdrijf.

Procedure strafrechter
De passagier heeft de mogelijkheid om via een procedure bij de strafrechter vervolging van het strafbare feit, dat naar zijn mening is begaan, af te dwingen. In die procedure kan ook informatie worden opgevraagd die nog niet in het strafdossier zit, zoals de camerabeelden waar het hier om gaat. Hij kan deze vordering daarom niet bij de civiele kortgedingrechter indienen aldus de Haagse rechtbank.

Geen belang
Ook wil de passagier inzage in de beelden om het vreselijke incident waarbij hij betrokken was te verwerken. Hij heeft beelden waarop hij zelf van seconde tot seconde te zien is, kunnen bekijken. De Staat heeft aangeboden om de beelden van de vier camera’s in het deel van de tram waar de passagier aanwezig was, alsnog aan hem te tonen. Hij wil echter ook inzage in de beelden vanuit het deel van de tram waar hij niet is geweest. De passagier heeft daar in redelijkheid geen belang bij, volgens de rechter. De rechter wees de vordering om alle beelden uit de tram te kunnen zien daarom af.

Deel dit artikel via: